19. Borduren in het Fries Museum

De catalogus van de tentoonstelling ‘Haute Bordure’  (Geborduurde kleding en accessoires in Nederland 1620-2020) heb ik al maanden in huis. Tot voor kort was de tentoonstelling helaas niet te zien.  Corona hield de deuren van het Fries Museum in Leeuwarden een half jaar dicht. Afgelopen zaterdag gingen alle musea in Nederland gelukkig weer open. Maandag gingen we dus naar Leeuwarden. Natuurlijk laat ik in dit blog niet alles zien, want dan is de verrassing eraf als je erheen gaat. Daarom veel detailfoto’s en af en toe een kledingstuk in zijn geheel.

De mooi uitgevoerde catalogus en het informatieboekje met het campagnebeeld.
De mooi uitgevoerde catalogus en het informatieboekje met het campagnebeeld

Borduren, ik heb er al vaker over geschreven op dit blog. Je hebt er alleen naald en garen, een lapje stof en wat kennis van borduursteken voor nodig. De tentoonstelling neemt je mee in de geschiedenis van het borduren. Als presentatiebeeld voor de tentoonstelling is gekozen voor een jongeman die een jas van Dries van Noten draagt uit de zomercollectie van 2015.

Viktor & Rolf, First Couture Collection 1998
Viktor & Rolf, First Couture Collection 1998

De tentoonstelling is opgebouwd rond een aantal thema’s: Pronken, Luxe, Techniek, Patroon, Wit op Wit, Mode en Royalty. In de werkelijkheid van de zalen is er overlap en lopen die thema’s nog al eens door elkaar. Als binnenkomer zie je bij Pronken een geborduurde jurk van Viktor en Rolf uit hun eerste First Couture Collection. Cirkels van goudkleurige pailletten en kraaltjes zijn op een grijze zijden jas geborduurd. De jas is nog in het ‘maakstadium’, dat is te zien aan de niet afgewerkte bovenkant en aan het onaffe borduurwerk dat nog in de borduurring zit en zo een soort sieraad wordt. Het is een verwijzing naar de bewerkelijkheid van het borduren en je kunt er ook enige spot in ontdekken.

Zijdeborduursel op een zijden herenjas en vest. Waarschijnlijk geborduurd door mannen.

In de zaal over Luxe valt mijn oog direct op een mooi zijden herenpak uit de 18de eeuw, vol geborduurd met bloemen en bladeren. De mouwen zijn wat naar achter geplaatst, zodat de borst naar voren wordt geduwd. Macho’s waren het, de mannen die deze pakken droegen.

Feestelijke bloemen uit verschillende seizoenen op de onderkant van een rok
Feestelijke bloemen uit verschillende seizoenen op de onderkant van een rok

Ook vrouwen waren dol op flora; op de rand van een katoenen rok uit circa 1750 zijn met wol veel bloemen uit verschillende seizoenen geborduurd. Niet helemaal duidelijk is of zo’n rok als onderrok werd gebruikt of bij een informeel feest werd gedragen, of bij een wandeling in een bloementuin.

Beeldschone bruidshandschoenen van leer, zijde, gouddraad, bouillondraad, parels en pailletten. Wat een feest zal het zijn geweest om deze aan te hebben.
Beeldschone bruidshandschoenen van leer, zijde, gouddraad, bouillondraad, parels en pailletten. Wat een feest zal het zijn geweest om deze aan te hebben.

Deze prachtige bruidshandschoenen (1636-1637) kreeg Cornelia Fagel (1619-1693) bij haar verloving met Nicolaas ten Hove met wie ze trouwde op 15 februari 1673. Handschoenen hadden een symbolische betekenis en een grote waarde in die tijd. Een bruidsschat zou je ze kunnen noemen. Ze zitten vol symboliek; de anjer staat voor liefde en huwelijk, de aardbei voor verleiding en sensualiteit en het viooltje voor nederigheid en het verlies van maagdelijkheid.

Mosaic Dress van Karim Adduchi uit de collectie 'She has 99 names' 2017
Mosaic Dress van Karim Adduchi uit de collectie ‘She has 99 names’ 2017

De zijden Mosaic dress van Karim Adduchi uit 2017 is gemaakt door kleermaker Najif Nasif uit Syrië, ontwerpster en borduurster Julia Ivanova uit Rusland, door de borduursters Simret Tsaedu uit Eritrea en Darifa Benhadhoum en Diana Riana uit Marokko. Een inclusief en wereldwijd kledingstuk! Uitgaande van de mozaïeken op fonteinen in Marokko ontstond het werk. Doordat elke borduurster een eigen handschrift heeft, zijn in het borduurwerk kleine onregelmatigheden te zien die de jurk een extra levendigheid geven.

Een kraplap vol geborduurd met merklapmotieven uit 1798
Een kraplap vol geborduurd met merklapmotieven uit 1798
Met zijde geborduurde bloemen op damesschoenen uit 1740-1760
Met zijde geborduurde bloemen op damesschoenen uit 1740-1760
Winde Rienstra, Houten kraag met kruissteekborduursel uit de collectie Ithaka, 2012
Winde Rienstra, Houten kraag met kruissteekborduursel uit de collectie Ithaka, 2012

In de zaal Techniek zijn verschillende borduurtechnieken te vinden op krap of kroplappen, schoenen, tassen en een verrassende geborduurde houten kraag van modeontwerpster Winde Rienstra.

Rijglijf uit Marken 1950
Rijglijf uit Marken 1950
Twee rijglijven uit Marken. Links 19de eeuw en rechts het bruidsrijglijf ook uit de 19de eeuw
Twee rijglijven uit Marken. Links 19de eeuw en rechts het bruidsrijglijf ook uit de 19de eeuw

Vervolgens is er de Patroonzaal met verhalen over de tentoongestelde kleding, zoals de rijglijven van Marken. Op een zo’n rijglijf zijn bloemen geborduurd met fel gekleurd garen. Op het achterpand van een ander rijglijf zie je zeven geborduurde rozen. Dit rijglijf is maar een keer gedragen: op de trouwdag; daarna wordt het nooit meer gedragen.

Blouse van Titia Henriëtte Wille-Vermaat gemaakt van een oud laken geborduurd met dik katoenen garen (1940-1945)
Blouse van Titia Henriëtte Wille-Vermaat gemaakt van een oud laken geborduurd met dik katoenen garen (1940-1945)

Er zijn ook twee blouses te zien die zijn gemaakt in de Tweede Wereldoorlog. De schaarste van toen vroeg om creativiteit en inventiviteit. Een blouse gemaakt van een oud laken werd versierd met een bont patroon van geborduurde bloemen met garen dat niet op de bon was. Zo zag je er als jonge vrouw toch bijzonder uit. Een blouse met zo’n verhaal roept bij mij ontroering op.

Ingrijpsteek, platsteek, steelsteek en Frans knoopje op een vermaakte japon uit 1825-1838
Ingrijpsteek, platsteek, steelsteek en Frans knoopje op een vermaakte japon uit 1825-1838
Linnen herenvest uit de 18de eeuw
Linnen herenvest uit de 18de eeuw
Een serie van drie tipdoeken gedragen op zijden jurken en jak uit de 17de en 18de eeuw
Een serie van drie tipdoeken gedragen op zijden jurken en jak uit de 17de en 18de eeuw

Wit op wit is het thema van de volgende zaal. Van doopjurk tot zakdoek, van japon tot een herenvest,  en wat te denken van de prachtige tipdoeken die vrouwen in de 18de eeuw droegen om hun decolleté te bedekken. De achterkant zal veel bekeken zijn door de achterbuurvrouw als ze in de kerk zaten.

Zwart borduursel op een meisjesjurkje in neteldoek. Rouwkleding is niet alleen voor volwassenen (1915-1925)
Zwart borduursel op een meisjesjurkje in neteldoek. Rouwkleding is niet alleen voor volwassenen (1915-1925)

Van een ontroerende schoonheid vond ik het rouwjurkje (1915-1925) van een jong meisje. Zwarte linten en een bloemmotief zijn op de onderkant geborduurd. Voor kinderen bestond rouwkleding in die tijd uit wit met zwarte borduursels; volwassenen gingen geheel in het zwart gekleed. Voor zo’n meisje moet het heel wat zijn geweest om zo je verlies te laten zien aan de buitenwereld.

Voliminieuze heupen voor in jurken die gedragen werden in het tweede helft van de 18de eeuw. Ook jonge meisje moesten hier aan geloven.
Voliminieuze heupen voor in jurken die gedragen werden in het tweede helft van de 18de eeuw. Ook jonge meisje moesten hier aan geloven.

De grote zaal staat in het teken van Mode door de eeuwen heen. Heel mooi, maar ook een toevallige ontmoeting van hoogtepunten. Een robe à la Française voor een  volwassene staat naast een uitvoering voor een jong meisje (1740-1746). Bij de rok was een briefje toegevoegd waarop stond dat Magdalena van Reyen deze kleurrijke bloemen op de rok borduurde toen ze in Delft bij juffouw Jacob naar school ging. Jammer dat het briefje niet te zien is.

Avondjurk uit de collectie 'Forget your troubles' (2012) van Edwin Oudshoorn Couture
Avondjurk uit de collectie ‘Forget your troubles’ (2012) van Edwin Oudshoorn Couture

Bekende namen zoals uit het verleden de modeontwerpers Dick Holthaus en Frans Govers ontbreken niet. Van de modeontwerpers van nu vond ik het driedimensionale borduurwerk op de avondjurk  van Edwin Oudshoorn van een grote schoonheid en inventiviteit.

Detail van de jurk uit de collectie '8 Pieces' (2014) van Claes Iversen
Detail van de jurk uit de collectie ‘8 Pieces’ (2014) van Claes Iversen

De jurk van Claes Iversen is geborduurd met pailletten, kralen en strass stenen, die hij combineerde met metalen ringetjes, schroefogen en duimen, sleutels en schaartjes die te vinden zijn op de bouwmarkt. Wonderlijk en spannend.

Een elegant wollen jasje geborduurd met zijde uit 1910. Tijdloos en elegant
Een elegant wollen jasje geborduurd met zijde uit 1910. Tijdloos en elegant

Een beeldschoon jasje met borduurwerk ontworpen door siersmid Hendrik Jan Winkelman in 1910 en geborduurd door zijn vrouw Maria Winkelman-Sanders. Het doet denken aan de glas-in-loodramen in de stijl van de Amsterdamse School.

Met de hand zijn duizenden kleine kraaltjes en strass steentjes op deze feestelijke jurk gezet
Met de hand zijn duizenden kleine kraaltjes en strass steentjes op deze feestelijke jurk gezet

Mooi is ook de japon uit 1923-1924 van zijde en linnen waarop een Egyptisch patroon in kraaltjes is geborduurd dat associaties oproept aan de ontdekking van de grafkamer van Toetanchamon. Ik zie de jurk al dansen op een feest.

De tentoonstelling eindigt met jurken gedragen door de drie koninginnen van vroeger en door de koningin van nu. Mag natuurlijk als publiekstrekker niet ontbreken, maar voor mij hoeft het niet. Zo’n grote rol spelen de Oranjes nou ook weer niet in de borduurwereld.

’Haute Bordure’ is zeker een tentoonstelling waar je heen moet gaan als je geïnteresseerd bent in borduren. Toch wringt er iets bij me. Het campagnebeeld van de jongeman in zijn geborduurde outfit van Dries van Noten gaf me hoop dat er meer mannenkleding te zien zou zijn. Natuurlijk zijn er de zijden mannenpakken uit de 18de eeuw, maar was er echt niet meer te vinden in de herenmode van jonge ontwerpers van nu? De expositie legt nu veel accent op de vrouw en geeft daarmee de indruk dat borduren vooral bij vrouwen hoort en dat mannen in die wereld een uitzondering zijn.

Brutaal borduurwerk op de Dutch flag anti suit (2015) van Bas Kosters
Brutaal borduurwerk op de Dutch flag anti suit (2015) van Bas Kosters

En dan, waar is het brutale aspect van het borduren? Borduren op kleding kan ook verzet zijn. Of agressie. De tentoonstelling is mooi en braaf. Bekend terrein voor mensen die iets van textiel en mode weten. Er worden geen nieuw verhalen verteld, geen nieuwe verbindingen gelegd die jongeren zouden kunnen  aanspreken. Ik denk bijvoorbeeld aan Bas Kosters die in zijn werk borduren op een andere manier inzet. Dat zijn misschien niet de uitgangspunten geweest voor deze tentoonstelling, maar ik mis de uitingen die borduren iets van nu maken. Dat had ik liever gezien dan het commerciële cliché Gucci jeans jack met borduursels dat een fortuin kost.

De Indiase zijden sari die van moeder op dochter ging. Gekocht in Calcutta in 1998
De Indiase zijden sari die van moeder op dochter ging. Gekocht in Calcutta in 1998

Was er nu alleen maar dat vest uit Perzië te vinden en de sari met kantha borduurwerk uit India? Sinds eeuwen wonen er in Nederland mensen van veel verschillende nationaliteiten. Daar zijn, ook op borduurgebied, prachtige voorbeelden van te vinden. Wat te denken van de producten die de vrouwen van Ateliers Wereldwijven in Dordrecht maken? Ruim 85 vrouwen met wortels in alle hoeken van de wereld  – van Irak, Iran, Marokko en Turkije, tot Somalië, Burundi en de Antillen en uit Nederland zijn daarbij aangesloten. Ze leren er de Nederlandse taal en maken ambachtelijke producten voor de verkoop waarbij borduren ook een onderdeel is. Een prachtig initiatief dat voor verbinding zorgt. In deze tentoonstelling hadden die een geweldige plek kunnen krijgen om zo hun invloed te laten zien in de borduurwereld van nu. De expositie is erg ‘wit’, en dan bedoel ik niet het wit op wit borduursel.

Waar zijn de borduurders/sters van nu?

Kralenborduurwerk op zijden organza van Monique van Munster
Kralenborduurwerk op zijden organza van Monique van Munster
Kort jasje met goudkleurige, rechthoekige pailletten van Saskia ter Welle
Kort jasje met goudkleurige, rechthoekige pailletten van Saskia ter Welle

Het prachtige werk van Monique van Munster en Saskia ter Welle? Twee vrouwen die cursussen Haute couture borduren geven, het vak levend houden en studenten hebben die nieuwe moderne borduursels ontwikkelen?

Annewil Ravensbergen, eindcollectie 'I like big dots and cannot lie' Artez 2016
Annewil Ravensbergen, eindcollectie ‘I like big dots and cannot lie’ Artez 2016

Een aantal jaren geleden studeerde een ex-leerling van me af bij Artez in Arnhem. De collectie van Annewil Ravensbergen was vol geborduurd met moderne pailletten van plexiglas.

Waar is het werk van Golden Joinery, een niet commercieel collectief dat met gouddraad werkt en zo kapotte kleding rijker maakt? Ze geven regelmatig workshops waarbij je oude kledingstukken een nieuw leven geeft.

Met wat zoeken hadden die een mooie plaats kunnen krijgen in de tentoonstelling als het onderdeel ‘Borduren nu’.

En als slot, wie waren die mannen en die vrouwen die al dit prachtigs hebben gemaakt? Hoe was en is hun sociale status? Zijn ze normaal betaald of werden ze uitgebuit? In de catalogus staat dat er meer onderzoek naar gedaan moet worden. Dat er al patroonboeken zijn sinds de 16de eeuw, maar dat er nog veel te onderzoeken is. Was zo’n boek niet te lenen uit een of ander museum? Zijn, met wat zoeken, de namen van de borduursters van nu niet te vinden?  Of op zijn minst het atelier in India waar Dries van Noten zijn borduursels laat uitvoeren?

Waarom staan wel de namen van de borduursters van de Mosaic jurk van Karim Adduchi in de catalogus en niet op het bordje bij de jurk zelf? Dat is een gemiste kans om het publiek dat de catalogus niet mee naar huis neemt te laten zien dat nieuwkomers vanuit hun achtergrond veel kennis en ervaring bijdragen aan de Nederlandse cultuur.

Om dit gemis van al die anonieme namen van de makers van die prachtige kledingstukken en accessoires wat goed te maken, zou het een mooi idee geweest zijn om de tentoonstelling aan hen op te dragen.

18. Monogrammen, linnen lakens en een letterlap

Kringloopwinkels, ik ben er dol op. Vooral de Emmaüs-vestigingen in Frankrijk zijn favoriet tijdens onze vakanties. Zodra ik een huis heb geboekt, kijk ik waar de eerste de beste Emmaüs in de omgeving is en wat de openingstijden zijn. Voor de komende zomervakantie maak ik nu al een lijst.

Het lichtblauwe servies dat niet meeging. Zou het er nog staan komende zomer?

Alle Emmaüs-vestigingen zijn anders. Soms  ongeorganiseerd en rommelig, soms heel helder ingericht. De kringloopwinkel in Vierzon bijvoorbeeld is perfect voor oude serviezen. De winkel ziet er zeer gestileerd uit; de vrouw die op de servies- en meubelafdeling werkt, vertelde dat ze veel plezier beleeft aan het inrichten. Ze vult oude kasten met prachtige serviezen, ze dekt tafels rijkelijk met schalen vol bonte dessins. Op speciale planken zet ze handgedraaide kommen uit de jaren zeventig, in een keukenkast stapelt ze witte puddingvormen op. Vorig jaar werd ik verliefd op een lichtblauw servies waarbij ze een klein, pastelkleurig schilderij had gezet van een vaas met bloemen. Het servies ging helaas niet mee. De auto raakte al vol en we moesten nog verder in onze Tour de France. We zouden nog meer kringloopwinkels bezoeken en wie weet vonden we daar ook nog schatten die mee naar huis moesten.

Links een kleine dameszakdoek, rechts een grote linnen herenzakdoek

Meer nog dan naar serviezen ben ik op zoek naar damasten tafellakens, servetten, zakdoeken en linnen lakens, het liefst met geborduurde monogrammen. Wonderlijk die geborduurde letters waarvan je nooit te weten zal komen welke namen erachter zitten. Bij de opvoeding van jonge meisjes in de 18de eeuw was monogrammen leren borduren belangrijk. Vanaf de puberteit werkte je aan je aan de ‘linnenuitzet’ die je meenam als je ging trouwen: een houten kist vol linnen lakens, tafelkleden en zakdoeken om trots op te zijn. In de 19de eeuw kwamen er nog servetten, theedoeken en schorten bij en dan was de bruidsschat compleet. Een rijk gevulde kist met textiel voor jaren huwelijk.

Witte damasten servetten met moderne monogrammen uit de 2oste eeuw
Witte damasten servetten met klassiek geborduurde monogrammen vol krullen

Wie borduurde dat alles zo precies? Alle letters perfect hetzelfde op het tafellaken en de twaalf servetten. Werkte elke vrouw zelf aan haar eigen uitzet of werd het gedaan door een borduurster die er haar beroep van had gemaakt? Adellijke families namen vaak een borduurster in dienst die het linnen voorzag van prachtige monogrammen. Dat ze daarvoor niet rijk betaald werd, moge duidelijk zijn. Borduren en uitbuiting, het zou een mooi onderzoek zijn naar de sociale status van deze borduurvrouwen.

Damasten handdoeken met monogrammen in verschillende borduurtechnieken
Een bijzondere borduurtechniek die op doorweven lijkt
Kruissteek borduursel

De monogrammen hadden ook nog een andere functie. Bij het wassen van al dat linnen in wasserijen kon je het linnen bij elkaar houden en werd er nooit een vergissing gemaakt bij het terugbrengen naar de families. Heel praktisch dus.

Damasten servetten met in rood geborduurde monogrammen

Ik vraag me vaak af bij welke vrouw (of man), bij welke familie het textiel al die jaren in de linnenkast heeft gelegen. Misschien nooit gebruikt of alleen op hoogtijdagen, en na gebruik zorgvuldig gewassen, gestreken en opgeruimd. Om uiteindelijk in de kringloopwinkel te belanden waar een man uit Amsterdam het koopt en die het nu in zijn kast heeft liggen. Was er niemand in de familie die het wou hebben bij het opruimen na het overlijden? Als aandenken aan die oma of moeder die er zo zuinig op was? Onbegrijpelijk, maar misschien heeft niet iedereen een liefde voor textiel zoals ik. Het is de geschiedenis die nooit bekend zal worden die me zo raakt. Dat heeft iets treurigs, ook omdat alles met zoveel aandacht is gemaakt. Aan de andere kant kan ik zeggen dat ik erg geniet van mijn aanwinsten en er zorgvuldig mee omga. Wat is er heerlijker dan met vrienden aan een mooi gedekte tafel te eten? Dan bedank ik stilletjes degene die dit prachtigs heeft gemaakt.

Vrolijk geruit tafellaken met in het midden een monogram

Al die monogrammen kunnen enorm verschillen. Soms wit op wit borduursel, vaak rood in verschillende tinten. Andere kleuren ben ik in Frankrijk nog niet tegengekomen op witte tafellakens, servetten en theedoeken. Wel kocht ik vorig jaar een stel vrolijk gekleurde geruite tafellakens waarop in kleur monogrammen waren geborduurd die passen bij de kleurstelling.

Zacht linnen laken met een rand van open naaiwerk en de letters ML (Marcel en Louise?)
Grof geweven linnen laken in banen aan elkaar gestikt. Zouden de letters van Ferdinand en Jacques kunnen zijn of van Fabienne en Jeannette?

De linnen lakens die ik verzamel, hebben randen met borduursels, monogrammen en open naaiwerk. Ze zijn lang; de bovenkant werd omgeslagen en zo werd de trots van de vrouw (en misschien ook van de man?) zichtbaar. De lakens die ik heb, verschillen in kwaliteit, van heel fijn linnen tot wat grover, maar allemaal zijn ze versierd met meesterlijke monogrammen. Ook de lakens zijn gemaakt voor de uitzet, zodat je tijdens de huwelijksnacht en vele nachten daarna onder prachtige lakens lag.

Linnen laken, waarschijnlijk nooit gebruikt. Ooit hoop ik een laken te vinden met de letters J J zodat we het gevoel zouden krijgen dat die speciaal voor ons geborduurd zijn.

Wij slapen er elke zomer onder en ik moet zeggen dat liggen onder een fraai linnen laken heel rijk voelt. Maar net als bij het tafellinnen weet ik ook evenmin wie het heeft geborduurd.

Wat ik wel weet, is dat er tijdschriften waren vol patronen met monogrammen, speciaal ontworpen om een piekfijne uitzet te maken. Ik kocht en kreeg er een aantal.

Borduurkranten uit Lyon. Links uit 1962, rechts uit 1951

Hele alfabetten staan erin. Met kleermakers-carbonpapier (ook wel kalkeer-papier) werden de letters op de stof overgenomen. Dan kon het borduren beginnen; er werd met verschillende steken gewerkt. De bladen hebben schitterende Franse namen zoals ‘Le Journal des Brodeuses – journal professionnel de broderie’ en ‘La Broderie Lyonnaise  – Journal de Broderies pour Trousseaux’. Deze twee  tijdschriften komen uit Lyon, de stad die belangrijk was voor beroeps-borduursters en waar veel borduur-ateliers waren.

Uit La Broderie Lyonnaise, 1 April 1951, 53ste jaargang nummer 1070

Naast letters staan er ook andere borduurtekeningen in: bloemen, vogels, jachttaferelen en zelfs een Mickey Mouse, voor op kleedjes, servetten en kleding.

Jachttaferelen om te borduren voor keukentextiel. Ongeschikt voor vegetariërs.
La Broderie Lyonnaise, 1 augustus 1956
Mickey Mouse voor op een servet. La Broderie Lyonnaise, 1 december 1959

‘LaBroderie Lyonnaise’, eigenlijk meer een krant, kwam voor het eerst maandelijks uit in 1898; in 1967 kreeg het een gekleurd omslag. Hoe lang het daarna nog bestaan heeft, is niet duidelijk. Ik vermoed dat monogrammen borduren niet veel meer werd gedaan in die tijd. Het huwelijk kwam in een ander daglicht te staan en vrouwenemancipatie werd belangrijk. Borduren hoorde daar niet bij, laat staan een uitzet maken.

Slaap lekker. La Broderie Lyonnaise, 1 oktober 1962

‘Le Journal des Brodeuses’ kwam voor het eerst uit in 1915 en stopte in 1973. Vanaf 2018 kwam het weer uit als een kwartaaltijdschrift. Of het nu nog bestaat, heb ik niet kunnen achterhalen op hun Facebookpagina.

Patroon voor op een kinderlaken. Le Journal des Brodeuses, 1 februari 1962

Hoeveel vrouwen hebben patronen uit de borduurkranten geborduurd? Hoeveel plezier hebben ze eraan gehad om het nieuwe nummer te bekijken? Om patronen te kiezen voor een tafellaken speciaal voor Kerst of Pasen? Om trots te zijn op de geborduurde lakens waar ze met hun geliefde onder lagen? Herinneringen vol liefde – en misschien ook met ergernis als het niet lukte om de letters identiek geborduurd te krijgen.

Elf servetten met de letters CM. Een servet is duidelijk witter geworden door de was.

Vorig jaar vond ik een serie van elf kleine servetten (zouden het er twaalf geweest zijn?) waarop de letters CM waren geborduurd in gevarieerde kleuren en met een geborduurde rand rondom. Hoe oud ze zijn, weet ik niet. Ik schat zo jaren vijftig of zestig van de vorige eeuw. De letters zijn redelijk hetzelfde, maar de randen hebben grote verschillen.

Grote verschillen in de lengte van de steken. Toch is het een mooi geheel.

Van smal tot breed en van gelijk tot uiteenlopend. Hoe is dat zo gegaan? Ik stel me voor dat het eerste borduursel wat onregelmatig was, dat de borduurster geen zin had om het uit te halen en dat haar werk naarmate de serie vorderde er steeds netter uit kwam te zien. Ontroerend vind ik het in ieder geval, ik stel me voor dat Claudine en Michel aan tafel zaten met familie en dat er toch met bewondering naar haar borduurwerk werd gekeken. Misschien was Claudine niet zo’n ster in handwerken en was dit toch het trotse bewijs van haar doorzettingsvermogen. Hele verhalen bedenk ik bij dit soort textiel.

Patroon via https://www.modernfolkembroidery.com/

Ondertussen ben ik klaar met het borduren van mijn letterlap, mijn Danish Schoolhouse Sampler. Of ik ooit aan een geborduurde uitzet begin, is de vraag. Uiteindelijk ben ik al getrouwd en puilt mijn kast vol linnen uit.

16. Meer geborduurde letters

Letters en borduren, daar  heb ik al jaren wat mee. In dit blog laat ik een aantal van mijn letterborduurwerken zien.

Samen met vier andere kunstenaars uit Deventer organiseerden we onder de naam ‘Tour de Cuisine’ theatrale avonden. We kookten voor honderd gasten en presenteerden het diner op een kunstzinnige manier. Voor de avond in 1990 was de Nederlandse identiteit het uitgangspunt; daarmee staken we ook de draak. We bliezen het Deventer ‘College der Smulpapen anno 1592’ nieuw leven in. Dit college heeft daadwerkelijk bestaan en was een groep die in 1592 het stadsbestuur bekritiseerde en bespotte. Ik borduurde op witte overhemden in rood-blauwe kruissteken het nieuwe logo van het college. We droegen een rood geverfde houten lepel als stropdas en geruite bakkersbroeken.

Op uitnodiging voor een tentoonstelling over handwerktechnieken in het toenmalige Tassenmuseum Hendrickje in Amstelveen borduurde ik samen met vriendin/kunstenaar Evelien Verkerk de ‘Tas van Dirk’ en een kleine versie met de naam ‘Dirkje’. Dagen kruissteken borduren in rood en roze en de streepjescode in zwart en wit DMC garen. Na de tentoonstelling werden de twee tassen aangekocht door de Firma van den Broek. In een speciaal daarvoor gemaakte vitrine hangen ze in de hal van het hoofdkantoor in Hoofddorp.

Grote tas: 174.520 kruissteken / ca. 440 uur borduren.
Kleine tas: 43.630 kruissteken / ca. 110 uur borduren.
Foto: Ewout Staartjes

Voor de begrafenis van mijn man Bram Borgo op 6 april 2013 borduurde ik samen met vriendinnen de letters STILTE in rood garen op meer dan honderd witte zakdoeken. Bram koos dit woord omdat hij zo naar de stilte verlangde. Boven het woord printte ik een foto van Bram, gemaakt door fotograaf Gerard Dubois. Bij binnenkomst in de aula kreeg iedereen een zakdoek aangereikt als herinnering aan die bijzondere man. 

Dichterscafé Eijlders in Amsterdam vroeg in 2014 aan een groep dichters om een gedicht van henzelf op een beeldende manier te presenteren. Jos van Hest was een van die dichters. Ik borduurde op twee witte herenoverhemden op het zakje ter hoogte van het hart met rood garen twee gedichten van Jos. Ze gingen niet alleen over onze relatie, maar ook over de handeling van het borduren. Ingelijst hebben de hemden daar een maand gehangen. We hadden ze vaak kunnen verkopen maar dat wilden we niet omdat het over ons ging en we elkaar pas kort daarvoor hadden leren kennen.

Een aantal malen organiseerden we bij ons thuis een diner voor tien gasten. We nodigden een groep vrienden uit die elkaar niet goed kennen. Champagne bij binnenkomst en daarna samen eten aan een lange en mooi gedekte tafel. Elkaar leren kennen en over het leven praten was het thema. Bij een van die diners maakte ik uit oude damasten tafellakens vrolijke servetten met de namen van de gasten erop geborduurd. Die werden ook gebruikt om de tafelschikking te maken waarbij de regel was: stellen uit elkaar. Natuurlijk mocht iedereen het eigen servet mee naar huis nemen. Zodra het weer kan, gaan we weer diners organiseren; niets is fijner dan met vrienden te eten aan een feestelijk gedekte tafel en zo het leven te vieren.

In Soest deden Jos en ik mee aan een tentoonstelling met miniaturen van 10 bij 10 cm als uitgangspunt. Ik borduurde in grijs garen op oude en wat versleten Franse zakdoeken een gedicht van Jos. De functie van de zakdoek en de tekst kwamen bij elkaar. Opgevouwen kwamen ze in een lijst. Ze hangen nu aan de wand in mijn werkkamer.

Twee geborduurde servetten kreeg schrijver/dichter Willem van Toorn voor zijn 80ste verjaardag van ons.  Een voor hem en de andere voor zijn vrouw Ineke Holzhaus. De tekst is van Jos en de feestletters zijn ook door hem bedacht; de omgekeerde N is een bewuste keuze. De servetten zijn gewoon te gebruiken, wassen op maximaal 95 graden. Ik weet niet of Willem en Ineke ze al gewassen hebben. Wel weet ik dat ze lang op hun tafel hebben gelegen en dat ze ervan genoten.

‘De Onschuldigen’ (2017)
Samen met Evelien Verkerk borduurde ik 120 witte zakdoeken met daarop de 420 plaatsnamen en data van aanslagen in de wereld sinds de aanslag op de Twin Towers. Zwart garen als symbool voor veel slachtoffers en verschillende tinten grijs voor minder slachtoffers. Het werk gaat over terrorisme, onschuld en troost en verdriet. De witte zakdoek is daar het symbool van. De tentoonstelling was een maand te zien in de HeArtgallery in Hengelo. We kregen er lovende en ontroerende reacties op.

Op 10 november 2017 trouwde ik met Jos in het geheim. Voor ons twee, de vier getuigen en de trouwambtenaar borduurde ik op ongebruikte Franse linnen zakdoeken uit de jaren vijftig de tekst ‘Altijd’. Niemand gebruikte die zakdoek want een aardige ambtenaar van de gemeente deelde papieren tissues uit toen de tranen vloeiden. 

Voor het diner ’s avonds in Esther’s Cookery waren er voor iedereen antieke Franse damasten servetten met de datum, onze namen, de naam voor wie het servet was, en de regel ‘Voor jouw Lieve Lippen’.

Een jaar later gaven we ons trouwfeest in het Het Rijk van de Keizer in Amsterdam. Alle gasten dachten dat we op die dag zouden trouwen. We hielpen ze op een hilarische manier uit die droom maar deden wel de ringenceremonie in het bijzijn van al onze vrienden. Daarna een groot diner voor meer dan honderd gasten. Voor ieder van hen borduurde ik in allerlei kleuren borduurgaren een servet met onze namen en datum. Ze lagen op hen te wachten op de mooi gedekte tafels. Aan het einde van de avond mocht iedereen het servet mee naar huis nemen als herinnering.

Ik houd van borduren en zeker ook van letters borduren. Maar het mooist vind ik om toepasselijke letters, woorden, regels te borduren die een verband aangaan met de functie van het textiel object: een hemd, een zakdoek, een servet.

12. Garen verven met de KleurenKoningin

Loret Karman ken ik sinds een jaar of acht. Ze verft de meest speciale garens in een schitterende caleidoscoop van kleuren. Van het zachtste roze tot het felste blauw, van grasgroen tot goudgeel. Zeg een kleur en ze heeft hem in allerlei variaties gemaakt. Daarom noem ik haar de ongekroonde KleurenKoningin van Nederland. Ik ontmoette haar voor het eerst in het Van Goghmuseum. Daar gaf ze een bijzondere rondleiding over de garens die Vincent van Gogh in zijn verfkist had.

Foto: Van Goghmuseum

Die garens gebruikte hij om te kijken of de combinatie van die kleuren goed zouden werken bij het schilderen. Ik herinner me dat ik langs zijn schilderijen liep met kleurige bolletjes wol om mijn vingers op zoek naar kleuren die overeen kwamen met die garens.

Het was een kijkervaring die me is bijgebleven. Daarna kocht ik het garenpakket ‘Dutch Pallettes’, speciaal door haar geverfd naar aanleiding van het doosje van Van Gogh.

Daar kijk ik tot nu toe met veel plezier naar; ooit ga ik er misschien wat van maken.

Loret geeft vanuit haar bedrijf ‘De Amsterdamse Steek’ workshops en cursussen over garen verven en breitechnieken. Via die site verkoopt ze allerlei gerelateerde producten. Haar garens hebben een gelaagdheid die je nooit tegenkomt bij commercieel geproduceerde garens. Dat heeft te maken met haar jarenlange ervaring in het verven van garens en met haar nieuwsgierigheid en precisie om tot de juiste kleur te komen.

Garens van Loret Karman. Patroon shawl Diagonapples van Anna Maltz.

Ook komt er kleurgevoel aan te pas en inzicht in scheikunde, pigmenten, verhoudingen en het soort garen dat je wilt verven. Zelf is Loret opgeleid door Miep Spée, een grootheid in batik en in verven van garens. Van haar leerde ze het vak heel grondig.

Het standaardwerk over batik geschreven door Miep Sprée

Een paar weken geleden nam ik wat garens van Loret mee voor mijn derdejaarsstudenten. Het leek me goed  dat ze die zouden zien en gebruiken bij hun experimenteel breien. Natuurlijk sprak ik over haar werk; snel werd er geregeld dat ze een dag les in garen verven zou geven. We spraken af een palet van 43 kleuren te maken;  een deel daarvan zou in een stalenboek gaan en het andere deel zouden we gebruiken om experimenteel mee te borduren.

Al die tinten!

Ter voorbereiding haalde ik veel verschillende garens bij Loret op. Strengen merino met zijde, sokkenwol met wat nylon, wol met een glitterdraadje, alpaca, handgesponnen wol uit Estland en nog meer zachte schoonheid. Elf verschillende luxe soorten van heel dun tot dik. Van die garens maakten we samen kleine strengen. Een deel van die strengen werden 43 bundels waar alle elf soorten garens inzaten. De rest van het garen werd gebundeld tot strengen voor een vervolgexperiment.

Strengen van verschillende soorten garens

Afgelopen dinsdag kwam Loret naar school met een grote koffer, gevuld met prachtige voorbeelden van garens en producten. Zo waren er spectaculaire verfexperimenten toegepast in breiwerk en had ze garens geverfd voor een variatie op het traditionele ‘Volendammer dasje’ in de wintercollectie 2017/2018 ‘Zwart’ van de Belgische modeontwerper Walter Van Beirendonck.

Links het originele Volendammer dasje en rechts de variatie gemaakt
met garens van Loret Karman

Ze vertelde een helder verhaal over de geschiedenis van handververijen in Nederland door de eeuwen heen. In het verleden blonk Nederland uit door het groot aantal ververijen die hoge kwaliteit leverden. Ze waren beroemd in de hele wereld en er werd gevochten om de recepten. De grondstoffen die nodig waren om te verven werden weggehaald uit de koloniën. Dat was geen schone handel maar uitbuiting van de plaatselijke bevolking. Het woord kolonialisme is hier op zijn plaats. In de loop van de eeuwen verdween het ambachtelijke verven uit Nederland, aan handel was meer te verdienen dan aan productie.

Zes basiskleuren waar 43 kleuren gemaakt zouden worden

Loret gaf een heldere technische uitleg over het verven van garens. Termen als ‘verzadiging’,  ‘zure verf’ en ‘eiwitrijke garens’ werden verklaard.  Zes verschillende kleurpigmenten kwamen op tafel met mooie namen als Brilliant Yellow, Blood Red en Extreme Blue. Ze vertelde over het recept om al die verschillende kleuren te maken. Niet moeilijk en voor iedereen te begrijpen, als je er maar met je hoofd bij bleef. Het uitgangspunt van deze dag was dat we samen voor elkaar zouden verven en dat alle garens later door iedereen gebruikt mogen worden.

Toen was het tijd om het grote verfavontuur te beginnen. 43 bakjes stonden klaar en met injectiespuitjes werden de eerste verfbaden gemaakt.

Het verfproces in vier stappen

Het voordeel van verven met deze ‘zure verf’ is dat alle verfstoffen in het garen worden opgenomen en dat je uiteindelijk een bakje met schoon water overhoudt. Hoewel het een chemische verfstof is, gaat er na afloop niets vervuilends door de gootsteen.

Kleur na kleur

Door zes beginkleuren te gebruiken en te mengen ontstonden 43 verschillende tinten.

Twee kleuren mengen om een nieuwe kleur te krijgen

Er werd hard gewerkt, met veel plezier en vanuit grote nieuwsgierigheid. Steeds weer de verrukking als de ongeverfde streng in het verfbad ging en er als prachtig gekleurd garen uitkwam.

Geel in verschillende nuances

Mooi om te zien was dat elk soort garen de kleuren op een andere manier opnam. Hetzelfde verfbad geeft het ene garen een felle kleur en het andere een zachtere tint.

Een deel van de geverfde strengen hangt te drogen

Na de lunchpauze hingen alle bundels van verschillende garens te drogen aan de lijn, feest van kleuren.

Een streng in twee verfbaden

De middag werd gebruikt om te experimenteren met de overige ongeverfde garens. Daarover waren in de ochtend al vragen gesteld, maar je kan pas experimenteren als je het proces van verven helemaal doorlopen en begrepen hebt. Wat gebeurt er als je de streng deels in twee verschillende kleurenbaden legt? Wat als je in de streng een knoop maakt en die er na het verven weer uithaalt? Hoe bereik je kleurverloop in je garen?

Glittergaren in verschillende tinten

Vol enthousiasme werd er van alles uitgeprobeerd met bijzondere kleurgarens als resultaat.

Gradient, van licht naar donker

Tegen kwart over drie was het tijd om de garenbundels uit elkaar te halen, te verdelen en afspraken te maken hoe we er verder mee gaan. Om half vijf ging iedereen opgetogen met een tas vol kleur naar huis.

43 strengen in 43 kleuren

Na de les vertelde Loret mij dat ze nog nooit zo’n hardwerkende klas had meegemaakt. Volgens mij is het een combinatie van een enthousiasmerende docente en leergierige studenten die niet bang zijn om aan de slag te gaan.

Kleurenfeest in mijn werkkamer

Bij mij thuis hangt nu de serie van 43 kleuren in handgesponnen wol uit Estland. Van elke streng haal ik een halve meter af voor mijn stalenboek; de rest gaat volgende week dinsdag mee naar Boxtel waar we een borduuravontuur gaan beginnen met al die prachtige garens in de hoofdrol.

Mocht je zelf zo’n verfdag mee willen maken kijk dan op de site van ‘De Amsterdamse Steek’.

11. Nooit genoeg boeken

Hier in huis zijn kasten vol boeken. Logisch als je met een man getrouwd bent die onder andere een grote verzameling poëzie heeft, die in een speciale kamer is ondergebracht. In mijn werkkamer staan en liggen veel boeken over textiel en mode. Toen ik vier jaar geleden verhuisde naar Amsterdam, gingen  veel boeken over deze twee onderwerpen niet mee. Ik maakte een zware selectie en gaf en verkocht veel boeken over breien aan liefhebbers.

Ik ben en blijf natuurlijk een boekenfanaat, zeker als het om boeken gaat over textiel: catalogi van textiel- en modetentoonstellingen, naslagwerken over kleur en materiaal, boeken over kimono’s en klederdracht uit Litouwen en Slowakije, praktische boeken over sashiko en sokken breien en nog veel meer. Ik gebruik ze voor mijn lessen, en voor mijn eigen ontwikkeling, kennis en bovenal plezier.

De afgelopen weken is er weer een aardige boekenstapel het huis binnengebracht. Boeken over de kunst van het borduren en Toile de Jouy. Een catalogus van de expositie ‘Queer Threads, Crafting, Identy en Community’, die in 2014 te zien was in het Leslie Lohman Museum of Gay and Lesbian Art in New York. Catalogi van de tentoonstellingen ‘Haute Bordure’ en ‘Voices of Fashion’, de eerste in het Fries Museum in Leeuwarden en de andere in het Centraal Museum in Utrecht. Beide exposities zijn helaas nog niet te zien. Zodra de musea weer opengaan, boek ik tickets, ga erheen, maak foto’s, en ga ik er vast over schrijven. Hoe heerlijk zou het zijn om nu al een kijkje te kunnen nemen. Ik wou dat ik schoonmaker was in die musea, want dan zou ik er nu al van kunnen genieten! Ook al in huis is het boek bij de tentoonstelling ‘Slavernij’ in het Rijksmuseum. Ben ik razend benieuwd naar.

En dan is er nog het schitterende fotoboek ‘Big Heart, Strong Hands’ van de Noorse fotografe Anne Helene Gjelstad over het leven van vrouwen op de eilanden Kihnu en Manija in Estland. Met Anne Helene heb ik via mail contact gekregen en via haar probeer ik oude foto’s te krijgen uit het museum in Kihnu. Ondertussen heb ik ook naar het museum gemaild en kreeg ik net een bericht uit Kihnu dat ik er morgen meer over hoor. Als ik die foto’s heb, ga ik een bericht schrijven over dit laatste matriarchaat in Europa en de rol die textiel hierin speelt.

Werkkleding, Dardoup, 1850

Afgelopen zomer kwam ik in boekhandel ‘Le Silence de la Mer’ in Vannes (Bretagne) het boek ‘Bretonnes’ tegen over de Bretonse streekdracht en dan vooral gericht op hoofdbedekkingen zoals mutsen en kappen uit alle regio’s van Bretagne. Een boek dat toen ik het opensloeg direct de Wauw-factor had en nog steeds heeft.

Kleding voor folkloristisch feest, Pont-Aven, 1950
Ceremonieel ensemble, Belle-Ile-en-mer, 1900-1920

Alles beeldschoon gefotografeerd door de Franse fotograaf Charles Fréger, op vrouwelijke modellen van jong tot oud.

Bruidskleding, Rouzig, 1905-1910

Mutsen die in het dagelijks leven gedragen werden, voor bruiloften en andere feesten en die je droeg als je in de rouw was.

Rouw ensemble, Poher, 1910

Mutsen vol naald- of kloskant, met borduursel of glimmende kralen, maar ook de eenvoud van een simpel katoenen of linnen lap gevouwen om het hoofd.

Kleine kanten muts, Perret, 1900-1915
Zoutdraagster, Ile guérandaise, 1900

Kleine floddertjes op het achterhoofd en torenhoge bouwsels waarmee je  moest bukken om door een deur te gaan.  

Muts voor grote ceremonie, Poudouvre, 1900
Ceremonieel ensemble, Bigoudin, 1945-1950

Ook in de kleding die erbij gedragen wordt, is een grote diversiteit te zien. Eenvoudige, geruite schorten naast met linten bestikte, uitbundig versierde jakken.

Werkkleding, Rouzig, 1905-1910
Ceremonieel ensemble, Saint-Pol-de-Léon, 1830-1870

Glimmend satijn, zacht fluweel. Omslagdoeken vol kleur op kleur borduursels.

Ceremonieel ensemble, Pourlet, 1830-1850
Ensemble voor grote ceremonie, Chelgenn, 1915-1920

Het is textiel dat verhalen vertelt over armoede en rijkdom, over uitbuiting van handwerklieden en over schitteren op een feest. Hoe geweldig is het dat dit boek zoveel aandacht en glorie geeft aan al dat werk om deze mutsen te maken.  Wat moet het bijzonder zijn geweest om deze kappen en mutsen uit musea en particuliere collecties te dragen, de geschiedenis te zien en te voelen en dan zo prachtig gefotografeerd te worden.

De naam Charles Fréger kwam me op de een of andere manier bekend voor. Na wat zoeken zag ik op zijn site op internet foto’s die ik eerder was tegengekomen in het tijdschrift Selvedge en op de tentoonstelling ‘The Power of Masks’ in het Wereldmuseum in Rotterdam. Daar kocht ik indertijd de catalogus.

Op die tentoonstelling was ook een serie foto’s te zien van zijn project ‘Wilder Mann’. Fréger legde daarin de gemaskerde kostumering van Europese traditionele winterfeesten vast. De foto’s vertellen de verhalen van lokale tradities op festivals in kleine onbekende dorpen. In Nederland kennen wij dit soort uitbundige verkleedpartijen niet, maar in bijna alle landen van Europa is het een bekend fenomeen, van Finland tot Portugal en van Duitsland tot Slovenië. Textiel speelt in deze kostuums een grote rol, zoals de onderstaande twee foto’s, gemaakt in Roemenië, laten zien. Geiten en een hert dansen tijdens een ritueel, sterven en staan weer op omdat de winter voorbij is en de lente in aantocht.

Gura Humorului, Roemenië
Cerbul in Corlata, Roemenië

In onderstaand filmpje zie je op vanaf 1.30 het hert meelopen in de parade vol wonderlijke wezens die wij niet kennen.

Helaas is het boek ‘Wilder Mann’ uitverkocht. Hopelijk komt er een herdruk of kan ik het antiquarisch op de kop tikken. Het is zo’n boek dat ik graag zou willen hebben, als aanvulling bij de catalogus van ‘The Power of Masks’. Op de site van Charles Fréger staan overigens nog vele meer foto’s van andere projecten met heel veel verschillende mensen in de hoofdrol.

Textiel vertelt veel verhalen en die verhalen kun je niet genoeg lezen, horen en zien.