15. Letters borduren

Lang geleden kocht ik een boek met letters om te borduren.

Pagina’s vol ruitjes en kruisjes; pagina’s met verschillende lettertypes. Strak en modern, rond en vierkant.

Ik had het nodig om woorden te borduren op kledingstukken van vitrage voor een theatrale modeshow.

Er hangt een hesje aan de deur in mijn werkkamer. In krullerige letters staat er ‘Home is where the heart is’.

Als kind vond ik het een wonder om te leren lezen en schrijven. In de bibliotheek ging de wereld voor me open. Ik las boek na boek en naast ‘Pinkeltje’ en ‘Het kleine huis op de prairie’ ging er ook vaak een knutselboek mee. Ik was een ‘knutselkind’ dat liever tekende dan voetbalde. Werken met borduurkaarten was ook favoriet, hoewel dat voor een jongen in die tijd niet echt kon. Toen ik in de eerste klas van de lagere school zat, plakte juffrouw Staal  een poëzieplaatje van een beertje in een matrozenpak bij mijn eerste zelfgeschreven letters. Trots als een aap was ik op mijn met een kroontjespen geschreven A’s.

Schrijver werd ik niet, maar wel iemand die van taal geniet en die de afgelopen jaren veel geblogd heeft.  Nu, op mijn 62ste, schrijf ik bijna dagelijks en dit blog ‘TextielLiefde’ is een mooie aanleiding om beter te leren schrijven. Dit alles komt natuurlijk ook door de stimulans van mijn man Jos die al zijn hele leven schrijft.

Bij de ouders van een jeugdvriendinnetje hing een ingelijste merklap aan de muur. Een linnen lap met geborduurde letters en wonderlijke figuren. Mannetjes die een druiventros droegen, een boom vol vogeltjes, een boot met vlaggetjes en dit alles in verschillende kleuren. Ik moest er altijd naar kijken en was jaloers dat wij zoiets niet aan de wand hadden hangen. Door het maken van dit soort lappen leerden meisjes om later initialen op hun uitzet te kunnen borduren.

Vorig jaar vond ik in de kringloopwinkel in Boxtel het boek ‘Merklapmotieven en hun symboliek’. Een publicatie uit 1977 over de geschiedenis en met patronen. Voor 1 euro gingen ze mee naar huis: de verschillende lettertypes, de lieflijke engelen, de grachtenhuizen en vazen vol bloemen.

Ik kocht het boek niet met het idee om er iets uit te borduren maar uit interesse. Maar toch.

Van BvO voor JJ 2021

Een aantal weken geleden stuurde vriendin Birgitta een door haar geborduurde merklap op met letters en symbolen. Ze had het borduren weer ontdekt. Gedurende de lockdown werd het een verslaving voor haar. Toen ze jaren geleden verhuisde naar Schotland gaf ze me een geborduurde letterlap die niet was ingelijst. Ik moest maar zien wat ik met haar borduursel ging doen. In repen geknipt kwam het terecht in een quilt. Nu vind ik het vreemd dat ik er de schaar inzette, al die uren werk die erin zaten.

Bij mijn verhuizing naar Amsterdam ging de patchworkdeken naar vriendin Evelien; onlangs kreeg ik het patchwork terug met de repen vol letters. Ze waren er dus nog. Ik moet er misschien een tas van maken, als een ode aan al die uren werk van Birgitta.

Een heel klein deel van mijn voorraad DMC borduurgaren

Borduren, ik heb het veel gedaan en bijna altijd met glanzend DMC garen. Daar heb ik dozen vol van in allerlei kleuren. Soms nieuw, maar ook keurig op kartonnetjes gewonden, uit de kringloopwinkel in Limmen. Daar hebben ze soms ook lappen borduurlinnen die je bijna voor niets kan kopen. Borduurringen in allerlei maten hangen bij mij aan de kast, naalden in allerlei diktes zitten in doosjes.

Al het materiaal in huis maar een merk- of letterlap heb ik nooit geborduurd. Mooi linnen voor de ondergrond en veel kleuren garen, toch is het er nooit van gekomen. Via Instagram vond ik de website ‘Modern Folk Embroidery’ met patronen voor merk- en letterlappen. Ik verbaasde me erover dat merk- en letterlappen in veel landen geborduurd werden. Zo zijn er lappen te zien uit Italië, Frankrijk, Schotland, Nederland en Amerika.  Achter de website zit de Nederlander Jacob de Graaf die jaren in York woonde en nu in Rotterdam woont en werkt. Na zijn opleiding aan de Kunstacademie in Kampen begon hij met het verzamelen van oude merk- en letterlappen. Sommige zijn in goede staat, andere zien er versleten uit. Jacob de Graaf reconstrueert ze zodat ze na te borduren zijn met garens van nu.

Een voorbeeld hiervan is ‘Gloucestershire Miniature Sampler’ van de 11-jarige Ada Lilian Baldwin (1874 – 1944). Die merklap kwam tevoorschijn toen er een schilderij uit een lijst werd gehaald. De lap was jaren verborgen geweest, niemand wist er van. De conditie van de stof was slecht, maar de kleuren van het garen waren goed bewaard gebleven. Op het linnen is een klein huis te zien met twee dennenbomen ernaast, drie tuinvlakjes voor het huis. Ontroerend vind ik de twee vogeltjes. De een lijkt boven op het boompje te zitten en de ander zweeft in de lucht. Zou het per ongeluk mis zijn gegaan? Het geheel is omringd door een bloemenkrans. Leuk om te borduren lijkt me, het patroon heb ik al uitgeprint.

Jacob de Graaf ontwerpt ook eigen patronen. Hij laat zich inspireren door zijn eigen verzameling of door museale collecties. Zijn website is een plaatje. Met een informatief blog en een goede shop waar ik zo af en toe op rondkijk. Sinds een tijd heeft hij een eigen Youtube kanaal met de titel MFE Flosstube. Daar vertelt hij allerlei boeiende wetenswaardigheden over merk-en letterlappen. Daar spreekt een man die een grote liefde heeft voor textiel.

En zo zit ik deze dagen rustig te borduren aan een ‘Danish Schoolhouse Sampler’ vol randen, het alfabet, levensbomen, vogels en sneeuwsterren. Dat laatste klopt zeker. We wonen twee weken in een huis in Brummen en sneeuw, hagel en zonneschijn wisselen elkaar hier af.  

4. Het Paapje, Wim van der Doef en Tonny Hollanders

Onlangs overleed een dierbare vriendin van ons. We werden betrokken bij de begrafenis en bij het opruimen van haar huis. Tonny Hollanders was een bijzondere vrouw die naast liefde voor poëzie een grote passie voor textiel had. Dat was het onderwerp waar wij veel en vaak over spraken. Bij het opruimen van haar huis kreeg ik van haar geliefde de opdracht om alle stoffen die ik mooi vond mee te nemen. ‘Tonny zou dat zo gewild hebben want die liefde deelden jullie.’

Alle stoffen zaten keurig verpakt in dozen en op een daarvan stonden de namen Wim van der Doef en Paapje. De dozen gingen mee naar huis waar ik ze uitpakte, de stoffen goed bekeek en plannen maakte om er in de toekomst iets mee te gaan doen.

De namen Wim van der Doef en Paapje kende ik uit de tijd dat er nog kunstnijverheidswinkels bestonden. In de jaren zestig en zeventig van de vorige eeuw werden in dat soort winkels artistieke,  vaak handgemaakte producten te koop aangeboden: een uitgebreid arsenaal dat zowel met ambacht als met kunst te maken had. Ook deze kleurrijke stoffen kon je er kopen. Ze hadden iets kunstzinnigs en bijzonders en ze werden gekocht door vrouwen die hun eigen kleding maakten: eenvoudig van vorm zodat de stof goed uitkwam. De stof was prijzig, van goede kwaliteit en had een tijdloos karakter. Zelf kende ik niemand die kleding maakte van deze stoffen. Af en toe zag ik er een vrouw in lopen en dat herkende ik meteen.

Paapje stof

Van Tonny erfde ik ook een aantal jaargangen ‘Handwerken zonder grenzen’. In nummer 2 uit 1990 staat een groot artikel over de geschiedenis van Paapje, geschreven door Henriette Beukers en Els Stapersma.

Christiaan de Moor (1930)Portret van Hans Polak, oprichter van Weverij Paapje in 1930. Paapje was gelegen aan de Papelaan in Voorschoten. Het schilderij hing bij Paapje boven de tafel waarop de geweven kleden werden afgewerkt. Vandaar onderaan het schilderij gaten van stopnaalden, daar vastgeprikt om ze bij de hand te hebben. Collectie Textielmuseum Tilburg
Ontwerp Karel Appel 1953, collectie Stedelijk Museum Amsterdam

Het bedrijf is in 1930 opgericht door Hans Polak (1884-1969) als een handweverij en -knoperij aan de Papelaan in Voorschoten. Dat zorgde ook meteen voor de naam van het merk. In 1937 werd begonnen met het hand bedrukken van stof. Hans Polak kwam uit een Rotterdamse familie van textielhandelaren. Hij had een groot kunstzinnig talent en was bevriend met een kunstenaars als Karel Appel en Kees Andres en architecten als W.M. Dudok en J.J.P. Oud. Door hen werden ontwerpen gemaakt die onder de naam Paapje werden uitgevoerd.

Divankleed (1938) Ontwerp Bas van Pelt, uitgevoerd door Paapje, collectie Textielmuseum Tilburg

Vanaf het begin werden de stoffen  onder andere bij Metz & Co en Bas van Pelt in Amsterdam en Den Haag verkocht. De prijs was hoog, daardoor was de klantenkring beperkt en bleef het uitgangspunt exclusiviteit gewaarborgd. Stof van Het Paapje was geschikt voor het interieur: voor gordijnen, bekleding van stoelen en banken, voor lampenkappen en kussenhoezen. Later werd dit aanbod uitgebreid met stoffen om kleding mee te maken. Stoffen die bedrukt werden waren o.a katoen, linnen en zijde.

Klaas van Biezen (2014)

Vanaf 1948 was Klaas van Biezen de belangrijkste ontwerper. Tot zijn pensionering heeft hij ongeveer 1400 ontwerpen gemaakt, vaak met dier- en plantmotieven. In 1965 ontwierp hij vogelmotief Gonnie. Daarvan trof ik in de doos van Tonny een klein deel in blauwe en bruine tinten. Dit ontwerp wordt nog steeds gedrukt. Op de website van Paapje is een zijden deken te zien met dit motief.

Dessin: Gonnie

Bij een brand in 1958 bij Paapje in Voorschoten ging de hele drukkerij verloren, maar het bedrijf ging door. Na een aantal wisselingen van directeuren sloot, in 1984, het bedrijf in Voorschoten de deuren. De stofdrukafdeling verhuisde naar Oldenzaal waar Brenda Punt doorging met het drukken van stoffen met de originele dessins en met haar eigen dessins.

Ondertussen is in 2009 Paapje overgedaan aan Carolien Huizinga die volgens de website vol enthousiasme bezig is om het merk een vernieuwing te geven zodat het weer kan meedoen in de kleding- en interieurwereld. Het nieuwe logo van de vogel Paapje vind ik van een grote vrolijkheid.

Maar hoe het nu gaat is onduidelijk. Op de website is te lezen dat je kunt bestellen, maar hoe en wat is onduidelijk. Op de Facebookpagina is al lang niks meer geplaatst. Ik las een artikel van een aantal jaren geleden dat ze vanuit haar woonplaats werkt met foto’s van kledingstukken die ze ontwierp in Paapjestoffen. Zag dat originele zeefdrukramen een aantal jaren geleden te koop waren in een winkel in Arnhem en waarvan er nu een op Marktplaats staat voor €395,-

Of het vrolijke Paapje vogeltje nog vliegt kom ik misschien nog te weten omdat ik contact heb gezocht met het bedrijf. Tot nu toe helaas niks gehoord.

Gisteren (26-01-2021) kreeg ik van Carolien Huizinga antwoord op mijn mail: Paapje bestaat nog! De oude motieven kunnen nog steeds worden gedrukt, wel in een andere techniek, en ik werk ook aan nieuwe motieven. De stoffen worden in opdracht gedrukt, op natuurlijke, biologische materialen, vaak voor gordijnstoffen, maar ook voor kledingstoffen. Ik heb dus geen voorraad en verkoop momenteel ook niet via winkels.

Het vrolijke Paapje vliegt dus nog en is springlevend

Ontwerp Wim van der Doef

Bij mij thuis staan nu die dozen van Tonny met kleine en grotere lappen handdrukstoffen. Niet alleen van Het Paapje maar ook van Wim van der Doef, die wat abstractere dessins ontwierp, ook handmatig gedrukt. De lappen zijn te klein om er bijvoorbeeld een overhemd van te maken, maar een eenvoudige quilt kan wel met kleuren die mooi op elkaar in werken. Daarom snijd ik nu repen van acht centimeter breed die ik willekeurig aan elkaar zet met de naaimachine. Lijkt me een mooie ode aan Tonny, Het Paapje en Wim van der Doef, drie partijen die alle drie zorgden voor textielschoonheid in de wereld.

(Mocht een lezer van dit blog nu opeens denken dat hij of zij nog wat lappen of lapjes  heeft liggen die niet gebruikt worden, dan houd ik me aanbevolen!)

Links:

Paapje stoffen: http://www.paapje.nl/

Artikel Paapje Libelle: https://docplayer.nl/10875670-Mooi-tijdloos-libelle-balance.html

Paapje op Facebook: https://www.facebook.com/Paapje-227170790769543/

Wim van der Doef via Handzeefdrukkerij Vlinder: https://www.vlinderzeefdruk.nl/

Textielmuseum Tilburg: https://www.textielmuseum.nl/