29. Boekenlijst

Ineens kwam covid bij ons op bezoek en gingen we in isolatie. Ik voel me niet echt ziek; dit is dus  een mooie gelegenheid om eens goed naar de boeken over textiel te kijken die de laatste tijd het huis zijn binnengekomen.

Gisteravond las ik het boek ‘Patchwork, a life amongst clothes’ van Claire Wilcox uit. De schrijfster is hoofdcurator mode en textiel bij het Victoria & Albertmuseum in Londen en professor aan het London College of Fashion.

Ik vind het een wonderschoon en poëtisch boek vol herinneringen. Met als invalshoeken kleding en textiel beziet Wilcox haar leven. Elk hoofdstuk begint ze met een foto; daarna volgen korte teksten, steeds met een andere titel, variërend van een tot drie pagina’s.

Het boek volgt haar leven via de geschiedenis van haar ouders, jeugd en studie, haar huwelijk, de dood van haar zoon. Dit alles in flarden en niet altijd chronologisch. Over ontdekken en verlies, de geur van lakens gedroogd in de wind en over pyjama’s waar qua ontwerp weinig aan is veranderd.

Over het werk van Claire Wilcox in het Victora & Albert museum kwam ik minder te weten dan ik zou willen. Deze week was daar overigens de opening van de tentoonstelling ‘Fashioning Masculinities: The Art of Menswear’, die door haar is samengesteld. Die zal ik in het echt niet zien hoe jammer ook, maar de catalogus komt vast en zeker in mijn boekenkast.

Na een rondleiding over de modetentoonstelling ‘Maison Amsterdam’ (nog te zien t/m 3 april) zag ik het boek ‘Mode ABC’ van Natasja Admiraal in de museumwinkel liggen. Het is een kinderboek dat mij als volwassene en het kind in mij zeer aanspreekt.  

Jaren geleden begon Natasja Admiraal plaatjes van kleding en accessoires te verzamelen die ze met teksten erbij in haar computer zette. Vervolgens kwam er een website: www.mode-abc.com en nu is er het vrolijke door Jelle Post geïllustreerde boek.

Van All Star tot Zweetbandje en tussen die A tot en met Z pagina’s vol handschoenen, petten, sneakers  en brillen en het patroon voor de Eén-uurs-jurk van Mary Brooks Picken uit 1924.

Geitenwollen sokken, flamingojurken, klompen, de lederhose en nog heel wat meer is te lezen en te bekijken in dit heerlijke boek.

In een tweedehandsboekwinkel in Deventer zag ik bij de afdeling textiel een boek dat bijna zonder erin te kijken mee naar huis moest. In ‘Der blaudruck in der Slowakischen volkskunst’ uit 1954 vertelt Josef Vydra in het Duits de geschiedenis en de ontwikkeling van deze traditionele techniek. Met een soort afdichtpasta en stempels wordt een dessin op stof gedrukt en die gaat vervolgens in een indigobad. Het is een soort omgekeerde blockprint, waarbij niet met verf wordt gedrukt. Je kunt het vergelijken met batik; daar wordt met was een dessin op de stof gebracht en die gaat daarna door een aantal verfbaden.

Het boek staat vol schitterende tekeningen en foto’s van kleding van blauwdrukstof. De dessins brachten me terug naar de tijd dat ik voor internationale mbo-modeprojecten vaak in Púchov kwam en er met collega’s en leerlingen uit Europa projecten organiseerde en uitvoerde.

In Púchov was toen een kleine blauwdrukwerkplaats van mijnheer Trnka die er blauwdrukstof maakte. Mevrouw Trnka verkocht het aan de meter in een kleine souvenirwinkel aan het plein. We konden elkaar niet verstaan, maar we voerden altijd een mooi  gesprek met handen en voeten. Meters stof gingen mee naar huis.

Tijdens een bijeenkomst met docenten en studenten kregen we een rondleiding in de werkplaats van mijnheer Trnka. Ik herinner me een oude man in een rommelige ruimte die steeds meer prachtige stoffen liet zien.

Later kocht ik in Bratislava bij U’luv, de organisatie die de Slowaakse volkskunst in ere wil houden, een lap oude blauwdruk die ik nog steeds koester. Het patroon vond ik terug in het boek van Josef Vydra.

Ik weet dat mijnheer en mevrouw Trnka zijn overleden. Er was nog een plan om de werkplaats door te laten gaan. Na wat onderzoek op Internet kwam ik erachter dat Peter, de (klein)zoon van het echtpaar Trnka, toch verder is gegaan met het blauwdrukken dat al sinds 1898 door de familie werd gedaan. Op zijn website Modrotlač TRNKA is veel informatie te vinden, maar helaas alleen in het Slowaaaks. Ik heb contact met hem opgenomen omdat ik reuze benieuwd ben, maar tot nu toe nog geen antwoord gekregen.

Wie weet komt er nog een uitgebreid artikel over blauwdruk als ik bericht terug krijg.

Over drukken gesproken. Net voor de eerste lockdown volgde ik een zeefdrukcursus hier in Amsterdam bij www.zeefdrukles.nl. Heerlijke avonden onder de bezielende leiding van Esther Mosselman. Een geweldig inspirerende groep waardoor mooi werk ontstond.

Toen ik nog studeerde op de Kunstacademie ontdekte ik zeefdruk. In serie iets maken vind ik sindsdien geweldig. Zo ook die avonden dat ik les kreeg en ik op papier en textiel drukte.

Ik kwam elke avond thuis vol verhalen en met veel druksels zoals de serie werkmansjasjes en textielarbeiders uit Twente.

Die laatste serie ligt nog steeds te wachten op borduursels die ik er in wil verwerken.

Nu ik er over schrijf krijg ik weer zin om te gaan. Een van de zeefdrukken die ik toen maakte, is op de omslag gekomen van ‘Met stip’, een bloemlezing met gedichten, samengesteld door Jos.

Dat  gevoel om weer te willen drukken, komt ook door het boek ‘House of Print’ van Molly Mahon met als ondertitel ‘A modern block printer’s take on design, colour and pattern’ dat ik kocht.

Een boek dat me enthousiast boek maakt. Het vertelt het persoonlijke verhaal van het bedrijf Molly Mahon in kleurrijke verhalen en foto’s. Over haar reizen door India, over inspiratie, kleur en kleurcombinaties en praktische informatie hoe je kunt beginnen.

Nu weet ik wel wat van blockprint omdat ik een aantal jaren geleden een Masterclass blockpint bij Nathalie Cassée volgde, georganiseerd door  Craft Council Nederland, en ik nog bedrukte lappen in de kast heb liggen.

Dit boek maakt dat verlangen om ermee door te gaan weer wakker bij me. Verf en stempels staan in de kast en ik weet nog hoe het moet. Zal ik?

Wat heb ik nog veel zaken liggen die afgemaakt moeten worden, bedenk ik me nu. Misschien toch eens een grote lijst maken en langzaam afwerken?

17. *DIED* in Ulft

Vorige week donderdagmiddag reed ik naar Ulft in de Achterhoek. Ik had op de Facebookpagina van Diederik Verbakel gelezen dat er een etalagetentoonstelling te zien is met de titel ‘(No) Time to Waste’ over samenwerking van ambacht en kunstenaars. Op Instagram kun je informatie vinden over de tentoonstelling.

Stippen van *DIED*

Ulft is een dorp waarbij je niet direct aan een spetterende textielpresentatie denkt. Op het DRU industriepark staan oude gerenoveerde gebouwen waarin gewoond en gewerkt wordt. Het is een cultureel centrum met verschillende panden met wonderlijke namen als Badkuipenfabriek en Afbramerij. Er zijn optredens en tentoonstellingen, een goed café en restaurant. Het zag er hip en uitnodigend uit. Door corona is het op dit moment allemaal wat rustiger, maar ik kon zien dat het een belangrijke plek is voor de regio en dat er veel gebeurt.

In de etalage van het CIVON exposeren 17 kunstenaars die gekoppeld zijn aan een ambachtsman/vrouw. Dat kan een mooie combinatie zijn, mits het op een moderne manier gebeurt. Eerlijk gezegd vond ik maar twee deelnemers erg goed.

Thea Zweerink
Detail kantkloswerk van Thea Zweerink

Kunstenaar Thea Zweerink maakt inventief traditioneel wit reuzekantkloswerk en combineert dat met draadachtige figuren en hoofden in prachtige wandinstallaties.

Wat echter het meest in het oog springt, is de spetterende en kleurrijke installatie van *DIED*.

Restafval uit het Textielmuseum in Bocholt

Het duo Diederik Verbakel en Marieke Holthuis is gekoppeld aan het Museum Textilwerk in Bocholt. In dat museum worden nog dagelijks de bekende geblokte theedoeken geweven. Het restafval – delen ketting met theedoeken en veel losse draden –  ging mee naar de studio van het tweetal. Daar werden de doeken gezeefdrukt en maakten ze er maskers van. Ook werd er geweven met een grote hoeveelheid afvaldraden.

Weefsel van afvalgarens

Dit alles resulteerde in repen theedoeken vol bedrukte stippen in fluorkleuren, blauwe ogen, groene wangen en rode monden.

Zo ontstonden prachtig gemaakte, driedimensionale maskers van een haas, konijn, beer of wat voor andere dieren dan ook. Alles bij elkaar vrolijk makend en heel goed gepresenteerd.

Omdat ik meer wilde weten over dit tweetal, en omdat ik het boek ‘SO SELFISH’ van Diederik Verbakel wilde hebben, belde ik hen en vroeg of ik langs kon komen. Ik was welkom.

Onderweg passeerde ik de kringloopwinkel van Ulft. Natuurlijk ging ik even naar binnen en onder in een bak met textiel vond ik een prachtig met bloemen geborduurd tafelkleed. ‘Als je weet hoeveel uren dit gekost heeft,‘ zei de eigenaar, ‘dan is het onbetaalbaar.’ Voor twee euro kon ik het kopen.

De Bright White Studio aan de  Landstraat 10 in Aalten is de plek van waaruit Diederik Verbakel en Marieke Holthuis werken. Beiden zijn opgeleid als modeontwerper aan de Kunstacademie in Arnhem. Ze woonden en werkten jaren in Italië. Na een wereldreis hebben ze nu hun ontwerpstudio in Aalten. Het voormalig winkelpand van de vader van Marieke doet dienst als fotostudio, zeefdrukkerij, atelier, winkel en ontvangstruimte. Van hieruit werken ze voor Internationale modebedrijven in landen als Italië, Japan en China. Door corona ligt alles stil; daarom richten ze zich nu op hun eigen label *DIED* waarmee ze elf jaar geleden startten. Lokaal en duurzaam is hun uitgangspunt; woorden als recycling en upcycling passen daarbij.

Toen ik binnenkwam, was Marieke bezig aan een grote, van oude shawls gemaakte vlag die bedrukt was met de signatuurhoofden die Diederik erop had geprint. Met naald en draad werd er handmatig rood garen doorheen genaaid. Het werk zal te zien zijn op een mode-evenement in Arnhem.

Mijn boek lag al klaar en werd ter plekke gesigneerd. Ik had besloten om de luxe versie te kopen waar een kleine zeefdrukprint bij zit met de titel ‘Blow Job’. Mooi om te laten inlijsten en aan de wand in mijn werkkamer te hangen.

Het duo vertelde enthousiast over hun werk en wat ze aan het doen zijn in deze coronatijd. Op de website van *DIED* zijn veel producten te vinden die in Aalten worden gezeefdrukt en gemaakt. Hoodies, sweaters,  T-shirts, tassen, maskers, vlaggen, babykleding, artwork in de vorm van collages en prints, allemaal in het typische handschrift van *DIED*. Hun producten vinden hun weg over de hele wereld; het netwerk van die twee is groot. Een aanvraag voor een serie unieke sweaters voor een winkel in Japan is geen uitzondering. In de ‘winkel die niet echt een winkel is’ waan je je in een kleurenparadijs. Op de website staan ook prachtige foto’s van Italiaanse gerechten die Marieke vrijdags kookt en die zeer geliefd zijn bij haar klanten. Diederik en Marieke zijn beiden actief op Facebook en Instagram. Leuk om te volgen!

Het boek ‘SO SELFISH’ is begonnen vanuit een spontaan idee. Een opgezet plan of een conceptgedachte ging er niet aan vooraf. Het begon in een hotelkamer in Thailand waar veel handdoeken lagen en er licht kwam uit een klein raam in de badkamer.  Als grap wikkelde Diederik een paar handdoeken om zijn hoofd en ineens was daar een Rembrandtesk beeld.

Inspiratie: het papierknipwerk van Matisse

Dat werd het startpunt voor een grote fotoserie waarbij Diederik waanzinnige maskers draagt, exotische hoofdtooien op heeft, zijn gezicht in alle kleuren van de regenboog heeft geschminkt en uit zijn hoofd echte bloemen en bladeren komen.

Inspiratie Kusama Ikebana
Inspiratie Leigh Bowery voor Pride Amsterdam

De bijpassende kleding is natuurlijk ook gemaakt door het duo. Marieke maakte de foto’s voor het boek dat vormgegeven is door Thijs Mertens van Letters en Plaatjes in Arnhem.

Inspiratie Mexico, Frida Kahlo

Het boek staat vol geweldige, vaak heftige foto’s, prachtige tekeningen en schilderingen en verhelderende, informatieve teksten in het Engels. ‘SO SELFISH’ zou je kunnen opvatten als een egodocument wanneer je de titel leest. Ik zie de titel ook als een grap. Het is een samenwerkingsproject waaraan met veel plezier, creativiteit en inventiviteit is gewerkt.

Inspiratie Karel Appel

Verkleden en schminken is iets wat we misschien allemaal zo af en toe zouden willen doen, maar vaak niet meer durven. Diederik doet dat wel en met een totale overgave, in vrijheid en vol aandacht voor het resultaat. 176 pagina’s telt het kloeke boek met een blauw-linnen omslag met grote roodkoper-glimmende letters.

Inspiratie Natuur

Een boek met foto’s geïnspireerd op clowns en de Mexicaanse Frida Kahlo, op natuur en Francis Bacon, op Karel Appel en voor Pride Amsterdam, op Yayoi Kusama en Ikebana.

Omdat ik van ver kwam, kreeg ik er nog een met fluor-roze stippen bedrukte tas bij. Ik deed de belofte dat ik over hen zou schrijven. Bij deze dus.

4. Het Paapje, Wim van der Doef en Tonny Hollanders

Onlangs overleed een dierbare vriendin van ons. We werden betrokken bij de begrafenis en bij het opruimen van haar huis. Tonny Hollanders was een bijzondere vrouw die naast liefde voor poëzie een grote passie voor textiel had. Dat was het onderwerp waar wij veel en vaak over spraken. Bij het opruimen van haar huis kreeg ik van haar geliefde de opdracht om alle stoffen die ik mooi vond mee te nemen. ‘Tonny zou dat zo gewild hebben want die liefde deelden jullie.’

Alle stoffen zaten keurig verpakt in dozen en op een daarvan stonden de namen Wim van der Doef en Paapje. De dozen gingen mee naar huis waar ik ze uitpakte, de stoffen goed bekeek en plannen maakte om er in de toekomst iets mee te gaan doen.

De namen Wim van der Doef en Paapje kende ik uit de tijd dat er nog kunstnijverheidswinkels bestonden. In de jaren zestig en zeventig van de vorige eeuw werden in dat soort winkels artistieke,  vaak handgemaakte producten te koop aangeboden: een uitgebreid arsenaal dat zowel met ambacht als met kunst te maken had. Ook deze kleurrijke stoffen kon je er kopen. Ze hadden iets kunstzinnigs en bijzonders en ze werden gekocht door vrouwen die hun eigen kleding maakten: eenvoudig van vorm zodat de stof goed uitkwam. De stof was prijzig, van goede kwaliteit en had een tijdloos karakter. Zelf kende ik niemand die kleding maakte van deze stoffen. Af en toe zag ik er een vrouw in lopen en dat herkende ik meteen.

Paapje stof

Van Tonny erfde ik ook een aantal jaargangen ‘Handwerken zonder grenzen’. In nummer 2 uit 1990 staat een groot artikel over de geschiedenis van Paapje, geschreven door Henriette Beukers en Els Stapersma.

Christiaan de Moor (1930)Portret van Hans Polak, oprichter van Weverij Paapje in 1930. Paapje was gelegen aan de Papelaan in Voorschoten. Het schilderij hing bij Paapje boven de tafel waarop de geweven kleden werden afgewerkt. Vandaar onderaan het schilderij gaten van stopnaalden, daar vastgeprikt om ze bij de hand te hebben. Collectie Textielmuseum Tilburg
Ontwerp Karel Appel 1953, collectie Stedelijk Museum Amsterdam

Het bedrijf is in 1930 opgericht door Hans Polak (1884-1969) als een handweverij en -knoperij aan de Papelaan in Voorschoten. Dat zorgde ook meteen voor de naam van het merk. In 1937 werd begonnen met het hand bedrukken van stof. Hans Polak kwam uit een Rotterdamse familie van textielhandelaren. Hij had een groot kunstzinnig talent en was bevriend met een kunstenaars als Karel Appel en Kees Andres en architecten als W.M. Dudok en J.J.P. Oud. Door hen werden ontwerpen gemaakt die onder de naam Paapje werden uitgevoerd.

Divankleed (1938) Ontwerp Bas van Pelt, uitgevoerd door Paapje, collectie Textielmuseum Tilburg

Vanaf het begin werden de stoffen  onder andere bij Metz & Co en Bas van Pelt in Amsterdam en Den Haag verkocht. De prijs was hoog, daardoor was de klantenkring beperkt en bleef het uitgangspunt exclusiviteit gewaarborgd. Stof van Het Paapje was geschikt voor het interieur: voor gordijnen, bekleding van stoelen en banken, voor lampenkappen en kussenhoezen. Later werd dit aanbod uitgebreid met stoffen om kleding mee te maken. Stoffen die bedrukt werden waren o.a katoen, linnen en zijde.

Klaas van Biezen (2014)

Vanaf 1948 was Klaas van Biezen de belangrijkste ontwerper. Tot zijn pensionering heeft hij ongeveer 1400 ontwerpen gemaakt, vaak met dier- en plantmotieven. In 1965 ontwierp hij vogelmotief Gonnie. Daarvan trof ik in de doos van Tonny een klein deel in blauwe en bruine tinten. Dit ontwerp wordt nog steeds gedrukt. Op de website van Paapje is een zijden deken te zien met dit motief.

Dessin: Gonnie

Bij een brand in 1958 bij Paapje in Voorschoten ging de hele drukkerij verloren, maar het bedrijf ging door. Na een aantal wisselingen van directeuren sloot, in 1984, het bedrijf in Voorschoten de deuren. De stofdrukafdeling verhuisde naar Oldenzaal waar Brenda Punt doorging met het drukken van stoffen met de originele dessins en met haar eigen dessins.

Ondertussen is in 2009 Paapje overgedaan aan Carolien Huizinga die volgens de website vol enthousiasme bezig is om het merk een vernieuwing te geven zodat het weer kan meedoen in de kleding- en interieurwereld. Het nieuwe logo van de vogel Paapje vind ik van een grote vrolijkheid.

Maar hoe het nu gaat is onduidelijk. Op de website is te lezen dat je kunt bestellen, maar hoe en wat is onduidelijk. Op de Facebookpagina is al lang niks meer geplaatst. Ik las een artikel van een aantal jaren geleden dat ze vanuit haar woonplaats werkt met foto’s van kledingstukken die ze ontwierp in Paapjestoffen. Zag dat originele zeefdrukramen een aantal jaren geleden te koop waren in een winkel in Arnhem en waarvan er nu een op Marktplaats staat voor €395,-

Of het vrolijke Paapje vogeltje nog vliegt kom ik misschien nog te weten omdat ik contact heb gezocht met het bedrijf. Tot nu toe helaas niks gehoord.

Gisteren (26-01-2021) kreeg ik van Carolien Huizinga antwoord op mijn mail: Paapje bestaat nog! De oude motieven kunnen nog steeds worden gedrukt, wel in een andere techniek, en ik werk ook aan nieuwe motieven. De stoffen worden in opdracht gedrukt, op natuurlijke, biologische materialen, vaak voor gordijnstoffen, maar ook voor kledingstoffen. Ik heb dus geen voorraad en verkoop momenteel ook niet via winkels.

Het vrolijke Paapje vliegt dus nog en is springlevend

Ontwerp Wim van der Doef

Bij mij thuis staan nu die dozen van Tonny met kleine en grotere lappen handdrukstoffen. Niet alleen van Het Paapje maar ook van Wim van der Doef, die wat abstractere dessins ontwierp, ook handmatig gedrukt. De lappen zijn te klein om er bijvoorbeeld een overhemd van te maken, maar een eenvoudige quilt kan wel met kleuren die mooi op elkaar in werken. Daarom snijd ik nu repen van acht centimeter breed die ik willekeurig aan elkaar zet met de naaimachine. Lijkt me een mooie ode aan Tonny, Het Paapje en Wim van der Doef, drie partijen die alle drie zorgden voor textielschoonheid in de wereld.

(Mocht een lezer van dit blog nu opeens denken dat hij of zij nog wat lappen of lapjes  heeft liggen die niet gebruikt worden, dan houd ik me aanbevolen!)

Links:

Paapje stoffen: http://www.paapje.nl/

Artikel Paapje Libelle: https://docplayer.nl/10875670-Mooi-tijdloos-libelle-balance.html

Paapje op Facebook: https://www.facebook.com/Paapje-227170790769543/

Wim van der Doef via Handzeefdrukkerij Vlinder: https://www.vlinderzeefdruk.nl/

Textielmuseum Tilburg: https://www.textielmuseum.nl/