Op een regenachtige zaterdagmorgen gingen we naar Den Haag. Vorige week kreeg ik een vraag van Karen de Boer of ik het titelgedicht van haar nieuwe bundel ‘Schietspoel’ zou willen voordragen bij de presentatie in Theater Branoul.

Ook omdat de foto op de omslag van mij is, deed ik dat natuurlijk graag. Die foto maakte ik jaren geleden in Aubusson, La Cité Internationale de la Tapisserie. In aflevering 36 kun je daar meer over lezen.
Een paar dagen later stuurde Karen de Boer mij het titelgedicht.
Schietspoel
Ik weef patronen
bij de zelfkant keer ik om
mijn kijkhoek wijzigt.
Inslagdraden in contrastkleur
schieten heen en weer tussen
gespannen scheringdraden.
Stof die met wisselend licht
van weerschijn verandert.
Nagalm van wat was
lokroep van wat komen gaat
changeant.
Vooral het slotwoord trof me: changeant. Die glanzende stof waarbij de ketting en de inslagdraden een andere kleur hebben en die van tint verandert naar gelang het licht erop valt.
Ik vroeg me af of alle gasten op de presentatie die betekenis zouden kennen. Waarschijnlijk niet; de docent textiel kwam bij me naar boven. Een idee werd geboren. Iedereen zou, voor ik het gedicht zou voordragen, een stukje changeantstof krijgen en een speld om het lapje op te spelden. Speldjes heb ik in overvloed; de stof in verschillende kleuren kocht ik bij A. Boeken in de Nieuwe Hoogstraat in Amsterdam.
Thuisgekomen bedacht ik dat het idee van een lapje nog wat leuker moest worden. Iets met lintjes, onderscheidingen, insignes. Het woord ‘kokarde’ kwam in me op. Wat was dat ook alweer?
Een zoektocht op Internet gaf het antwoord: Een kokarde, of rozet, is een decoratieve knoop van linten of strikken die op een hoed, revers, jas, jurk of mouw wordt gedragen. Dat moest het dus worden.

Ik knipte smalle reepjes en keerde mijn knopendozen om op tafel. En zo zat ik tot vrijdagavond laat mijn eigen kokardes te maken van reepjes stof en oude knopen. Zeventig in totaal want ik wou er niet te weinig hebben.

Voor Karen en mezelf maakte ik een iets specialer exemplaar, want verschil moet er zijn!

Het werd een ware vrolijke lintjesregen daar in de zaal van Theater Branoul in Den Haag.

Iedereen kreeg een kokarde uitgereikt en moest die bij de buurvrouw/man opspelden. Ik bekeek het vanaf het podium en zag een vrolijke zaal ontstaan.






Lintjesgevers en -krijgers die elkaar soms niet zo goed kenden, waren met pietepeuterige speldjes bezig elkaars jasjes, vesten en revers te versieren. Het werd een heerlijke middag, daar in dat kleine intieme theater!

Omdat we toch in Den Haag waren, bezochten we die ochtend het Kunstmuseum waar de tentoonstelling Grand Dessert – De geschiedenis van het toetje de avond daarvoor was geopend.

Een letterlijk heerlijke tentoonstelling vol zoete verhalen en waar ook nog textiel te zien is.

Op etalagefiguren staan lekkere jurken en hoeden en op een bord wordt wol gesponnen.

De tentoonstelling is t/m 6 april 2025 te zien.







Geef een reactie op Astrid Reactie annuleren