Dries Van Noten, ik heb hem als modeontwerper altijd erg bewonderd. Om zijn ontwerpen die zo goed in de tijd pasten maar die nooit meededen aan trends. Ik heb zijn kleding in het verleden gedragen. Een rode hoodie uit een sportcollectie, lila suède brogues en het voor de India collectie ontworpen bordeauxrode shirt dat ik samen met een knalpaarse broek droeg uit diezelfde collectie.

De prachtig gemaakte broek hangt nog in de kast en ga ik deze zomer na lange tijd weer dragen. Ooit kocht ik bijna een flessengroen ribfluweel pak, maar ik kon het op dat moment niet betalen. Heel soms heb ik daar nog spijt van.
Twee jaar geleden nam Van Noten met een laatste show afscheid van zijn leven als modeontwerper voor zijn eigen label. Julian Klausner is nu de ontwerper van het merk. Dat hij niet op zijn lauweren zou gaan rusten, leek niet te gebeuren. Er ontstond een nieuw plan.

Samen met zijn man Patrick Vangheluwe kocht hij het Palazzo Pisani Moretta aan het Canal Grande in Venetië. Een wonderschoon 17de-eeuws stadspaleis vol geschiedenis.



Een bouwwerk als een droom met schitterende plafonds, wandbespanningen, Venetiaanse kroonluchters, historische schilderijen, glanzende mozaïekvloeren en weelderige gordijnen met embrasses.



En hij stelde het open voor publiek. Alleen dat palazzo te zien is al een bezoek waard.

Maar er is meer: de komende jaren zullen er in Fondazione Dries Van Noten tentoonstellingen worden georganiseerd op het snijvlak van kunst, design, mode en ambacht, zowel van vroeger als van nu.

Op 25 april 2026 opende de eerste expositie met als titel ‘The Only True Protest is Beauty’ die tot 4 oktober 2026 is te zien. De titel verwijst naar een gedicht dat de Amerikaanse protestzanger Phil Ochs schreef voor zijn in 1967 uitgekomen album ‘Pleasures of the Harbor’. Een van de zinnen daarin is: ‘In such ugly times, the only true protest is beauty.’ Ik zocht op Spotify Phil Ochs op en was verbaasd dat de inhoud van zijn liedjes de tijd hebben doorstaan. Luister naar zijn prachtige stem.
Het plan, de selectie en de vormgeving van de expositie was in handen van Geert Bruloot en Dries Van Noten.

We waren er om tien uur en ruim twee-en-een-half uur later gingen we weg. Met een goed uitgevoerde infobrochure dwaalden we vol verbazing door al die filmisch aangeklede ruimtes.

We verdwenen in een wereld vol schoonheid die er gelukkig ook is naast die moeilijke wereld waarin we leven.

Er was mode te zien van twee favorieten van mij: Christian Lacroix en Comme des Garçons. In eerste instantie zou je die twee niet bij elkaar bedenken, maar ze gingen een grandioze verbinding aan met elkaar, en met de ruimtes waarin ze waren geplaatst.

Wat een vakmanschap is er toch te vinden in al die kledingstukken. Ik denk dan altijd niet alleen aan de couturiers, maar ook aan al die stofontwerpers, patronenmakers, coupeurs en borduursters die aan die creaties hebben bijgedragen.

Er is ook werk te zien van de Palestijnse modeontwerper Ayam Hassan uit Ramallah. Samen met zijn moeder maakte hij in het onderdrukte Gaza kledingstukken die het verhaal vertellen van de Palestijnse identiteit.

Tatreez, oftewel borduren is een eeuwenoude techniek die in Palestina veel wordt gebruikt om traditioneel textiel te versieren.

Kleding als middel om protest en verzet te laten zien tegen de verschrikkingen die er gebeurden. Heel goed dat er aandacht is voor deze vreselijke situatie die alleen maar erger wordt! In mijn volgende artikel schrijf ik over de tentoonstelling ‘Gaza – No Words’ die hier goed bij aansluit.


Zaal na zaal is er verbindende schoonheid in Palazzzo Pisani Moretta. Bij de foto van de slapende man die fotograaf Steven Shearer maakte, staat een jurk van Comme des Garçons, die weer een relatie legt met de rode/goud zijden wandbespanning van de Venetiaanse zijdeweverij Bevilacqua en de gouden lijst rond het schilderij van Van Dijck.


Alles klopt.


De keramieken objecten, zijn het planten of andere organismen, van Kaori Kurihara zijn op barokke wand-étagères geplaatst.

In het midden van die zaal trekt een bruidsjurk van Lacroix van gebloemde, geweven stof de aandacht.

Op het hoofd draagt ze een metalen kroon met bladeren en bloemen. Wat een pracht!

Bij een totemklok van Misha Kahn staat een zalmroze jurk van Lacroix met daarover een jas die deels met kralen en pailletten is geborduurd.

De schaduw van de kroonluchter en het schilderij van de man in rode mantel passen excellent bij de sfeer.

Een heldere zaal met een tafel van glas met een onderstel van glazen vazen. Plotselinge lichtheid. Het glas is op het Venetiaanse eiland Murano gemaakt.

Al sinds ik mode studeer op de academie in Arnhem houd ik van Lacroix. Van zijn silhouetten en spetterende kleurcombinaties.

Dat gifgroene lint met die knalroze zijde!

En dan die bruidsjurken waarin je zijn liefde voor de traditionele kleding uit Arles kunt aflezen.


‘Vive Lacroix encore!’ zou ik willen roepen.

Tegenwoordig werkt hij vooral als kostuumontwerper voor het theater. In artikel 136 kun je meer over hem lezen.



Er zijn bloemen van glas, objecten van keramiek, handen, hoofden en stoelen van hout.


Het zijn de combinaties die het hem doen.

Een jurk bij een foto in een historische ruimte.

Een tafel van nu op een antieke terrazzovloer.

Antiek naast modern design.
De expositie is een waanzinnig prachtige bruiloft van ambacht en kunst in volle glorie.
En af en toe zie je onder een gordijn een glimp van het Canal Grande.

Dit palazzo, opengesteld voor publiek, is een groot cadeau van Dries Van Noten en Patrick Vangheluwe aan de wereld. Die wereld, waarin naast oorlog en geweld de kracht van kunst en schoonheid een tegengif kan zijn.
De catalogus was helaas nog niet te krijgen, maar staat uiteraard op mijn lijst.







Plaats een reactie