5. Textiel-onderwijs, een kwestie van beginnen en doorgaan

Sinds drie jaar ben ik voor een dag per week gastdocent bij SintLucas  in Boxtel. Op dit mbo-instituut geef ik les op de afdeling Textiel van de opleiding Vormgeving en Ambacht. In het gebouw waar ik werk, zijn ook de afdelingen Leer en Keramiek gehuisvest. De groepen zijn klein, de studenten (bijna) altijd enthousiast en mijn  collega’s leuk en inspirerend.

De eerste twee blokken van dit schooljaar gaf ik les aan de eerstejaars. Ze variëren in leeftijd van 16 tot 20 jaar. Ik moest hen de basisvaardigheden van naaien en breien leren. Omdat mijn vak een praktijkvak is, mocht dat op school gebeuren. Een praktijkvak digitaal geven is bijna onmogelijk. Mijn klassen waren nu gesplitst, de uren ook: in plaats van 3 groepen elk 2,5 uur gaf ik les aan 6 groepen elk 1 uur en 10 minuten. Dat was hard werken:  afstand houden en de hele dag een mondkapje op. Lange dagen maar aan het eind kwam ik moe maar voldaan thuis.

Cirkels van Jill

Blok 1.

De naaimachine is voor veel studenten een totaal onbekend terrein. Garen spoelen, inrijgen en stikken is voor hen een heel nieuwe wereld. Recht stikken is moeilijk maar oefening baart kunst en na de eerste les waren er zakjes voor lavendel of iets anders.

De uiteindelijke opdracht was een machinaal geborduurd ‘artwork’ te  maken dat op een t-shirt gezet kon worden. Tot verbazing van de studenten (en van mij!) waren de resultaten soms prachtig. Nog nooit iets gestikt en dan werk laten zien waaruit vrijheid en lef spreekt.

Gezichten van Marieke
Collage van Ana

Cirkels van Marike

Naast dit onderdeel maken ze bij mijn collega Irene van Vugt hun eerste hoed met vijftig  verschillende vormpjes. Ook daar waren aan het einde van de periode schoonheden bij.

Hoed van Chase
Hoed van Marike
Hoed van Sumeyra

Blok 2.

Breien staat op het programma met als eindresultaat een zelf ontworpen beanie oftewel een moderne muts. Werken met twee pennen en een bol wol. Ook dit is voor heel veel studenten nieuw. Concentratie is nodig en doorzettingsvermogen als de steken van je pennen vallen of als je ineens vijftien steken meer op je pen hebt.

Ik merk dat bij veel studenten hun fijne motoriek onvoldoende ontwikkeld is: ze hebben de kleine bewegingen nog niet in hun vingers. Volgens mij komt dat onder andere door het verwaarloosde peil van het schrijfonderwijs op de basisschool. Veel kinderen zijn onvoldoende geholpen in het ontwikkelen van een regelmatig handschrift. Waarom zou dat ook nodig zijn als je met je vingers het toetsenbord kunt bespelen?

Aan het einde van de eerste les waren er lapjes in rechte steek gebreid. Broddellapjes zou je ze kunnen noemen maar ik zie het als Overwinningslapjes die vol energie en concentratie waren gebreid en waar studenten terecht trots op mogen zijn. Daarna volgde de tricotsteek en de boordsteek.

Het ontwerp moest gemaakt worden naar aanleiding van een zelf gemaakt moodboard waaruit inspiratie gehaald kan worden.

Dan zijn er de  studenten die een simpele draagbare muts breien en leerlingen die zichzelf uitdagen.

En er ontstaan breiverslaafden die thuis van alles gaan proberen en dit trots laten zien.

Zoals Sebastiano die alles bewaarde in een doosje en die een muts breide die perfect past bij zijn moodboard. Noa die een bijzondere ‘lapjesmuts’ maakte en natuurlijk moest ik de ‘haaienmuts’ van Marike even op.

Moodboard Sebastiano
Muts van Sebastiano
Lapjesmuts van Noa

Muts van Marike

Bij Irene maken ze in diezelfde korte tijd een vilten pet waarop iets moet gebeuren. Borduurwerk op de pet van Isabelle en Davey.

Pet van Isabelle
Pet van Davey

Opgerold band bij Dide en smockwek bij Sebastiano.

Pet van Dide
Pet van Sebastiano

Trots ben ik op hen. Dat ze het doen in deze tijd waarin alles anders is en ze naast de twee dagen op school de rest van de tijd digitaal les hebben. Ook ben ik trots op mijn collega’s van de andere afdelingen die maken dat het onderwijs doorgaat.

Tot de zomervakantie geef ik les aan de derdejaars. Textielexperimenten als breien en borduren en materiaalonderzoek. Ik heb er zin in.

4. Het Paapje, Wim van der Doef en Tonny Hollanders

Onlangs overleed een dierbare vriendin van ons. We werden betrokken bij de begrafenis en bij het opruimen van haar huis. Tonny Hollanders was een bijzondere vrouw die naast liefde voor poëzie een grote passie voor textiel had. Dat was het onderwerp waar wij veel en vaak over spraken. Bij het opruimen van haar huis kreeg ik van haar geliefde de opdracht om alle stoffen die ik mooi vond mee te nemen. ‘Tonny zou dat zo gewild hebben want die liefde deelden jullie.’

Alle stoffen zaten keurig verpakt in dozen en op een daarvan stonden de namen Wim van der Doef en Paapje. De dozen gingen mee naar huis waar ik ze uitpakte, de stoffen goed bekeek en plannen maakte om er in de toekomst iets mee te gaan doen.

De namen Wim van der Doef en Paapje kende ik uit de tijd dat er nog kunstnijverheidswinkels bestonden. In de jaren zestig en zeventig van de vorige eeuw werden in dat soort winkels artistieke,  vaak handgemaakte producten te koop aangeboden: een uitgebreid arsenaal dat zowel met ambacht als met kunst te maken had. Ook deze kleurrijke stoffen kon je er kopen. Ze hadden iets kunstzinnigs en bijzonders en ze werden gekocht door vrouwen die hun eigen kleding maakten: eenvoudig van vorm zodat de stof goed uitkwam. De stof was prijzig, van goede kwaliteit en had een tijdloos karakter. Zelf kende ik niemand die kleding maakte van deze stoffen. Af en toe zag ik er een vrouw in lopen en dat herkende ik meteen.

Paapje stof

Van Tonny erfde ik ook een aantal jaargangen ‘Handwerken zonder grenzen’. In nummer 2 uit 1990 staat een groot artikel over de geschiedenis van Paapje, geschreven door Henriette Beukers en Els Stapersma.

Christiaan de Moor (1930)Portret van Hans Polak, oprichter van Weverij Paapje in 1930. Paapje was gelegen aan de Papelaan in Voorschoten. Het schilderij hing bij Paapje boven de tafel waarop de geweven kleden werden afgewerkt. Vandaar onderaan het schilderij gaten van stopnaalden, daar vastgeprikt om ze bij de hand te hebben. Collectie Textielmuseum Tilburg
Ontwerp Karel Appel 1953, collectie Stedelijk Museum Amsterdam

Het bedrijf is in 1930 opgericht door Hans Polak (1884-1969) als een handweverij en -knoperij aan de Papelaan in Voorschoten. Dat zorgde ook meteen voor de naam van het merk. In 1937 werd begonnen met het hand bedrukken van stof. Hans Polak kwam uit een Rotterdamse familie van textielhandelaren. Hij had een groot kunstzinnig talent en was bevriend met een kunstenaars als Karel Appel en Kees Andres en architecten als W.M. Dudok en J.J.P. Oud. Door hen werden ontwerpen gemaakt die onder de naam Paapje werden uitgevoerd.

Divankleed (1938) Ontwerp Bas van Pelt, uitgevoerd door Paapje, collectie Textielmuseum Tilburg

Vanaf het begin werden de stoffen  onder andere bij Metz & Co en Bas van Pelt in Amsterdam en Den Haag verkocht. De prijs was hoog, daardoor was de klantenkring beperkt en bleef het uitgangspunt exclusiviteit gewaarborgd. Stof van Het Paapje was geschikt voor het interieur: voor gordijnen, bekleding van stoelen en banken, voor lampenkappen en kussenhoezen. Later werd dit aanbod uitgebreid met stoffen om kleding mee te maken. Stoffen die bedrukt werden waren o.a katoen, linnen en zijde.

Klaas van Biezen (2014)

Vanaf 1948 was Klaas van Biezen de belangrijkste ontwerper. Tot zijn pensionering heeft hij ongeveer 1400 ontwerpen gemaakt, vaak met dier- en plantmotieven. In 1965 ontwierp hij vogelmotief Gonnie. Daarvan trof ik in de doos van Tonny een klein deel in blauwe en bruine tinten. Dit ontwerp wordt nog steeds gedrukt. Op de website van Paapje is een zijden deken te zien met dit motief.

Dessin: Gonnie

Bij een brand in 1958 bij Paapje in Voorschoten ging de hele drukkerij verloren, maar het bedrijf ging door. Na een aantal wisselingen van directeuren sloot, in 1984, het bedrijf in Voorschoten de deuren. De stofdrukafdeling verhuisde naar Oldenzaal waar Brenda Punt doorging met het drukken van stoffen met de originele dessins en met haar eigen dessins.

Ondertussen is in 2009 Paapje overgedaan aan Carolien Huizinga die volgens de website vol enthousiasme bezig is om het merk een vernieuwing te geven zodat het weer kan meedoen in de kleding- en interieurwereld. Het nieuwe logo van de vogel Paapje vind ik van een grote vrolijkheid.

Maar hoe het nu gaat is onduidelijk. Op de website is te lezen dat je kunt bestellen, maar hoe en wat is onduidelijk. Op de Facebookpagina is al lang niks meer geplaatst. Ik las een artikel van een aantal jaren geleden dat ze vanuit haar woonplaats werkt met foto’s van kledingstukken die ze ontwierp in Paapjestoffen. Zag dat originele zeefdrukramen een aantal jaren geleden te koop waren in een winkel in Arnhem en waarvan er nu een op Marktplaats staat voor €395,-

Of het vrolijke Paapje vogeltje nog vliegt kom ik misschien nog te weten omdat ik contact heb gezocht met het bedrijf. Tot nu toe helaas niks gehoord.

Gisteren (26-01-2021) kreeg ik van Carolien Huizinga antwoord op mijn mail: Paapje bestaat nog! De oude motieven kunnen nog steeds worden gedrukt, wel in een andere techniek, en ik werk ook aan nieuwe motieven. De stoffen worden in opdracht gedrukt, op natuurlijke, biologische materialen, vaak voor gordijnstoffen, maar ook voor kledingstoffen. Ik heb dus geen voorraad en verkoop momenteel ook niet via winkels.

Het vrolijke Paapje vliegt dus nog en is springlevend

Ontwerp Wim van der Doef

Bij mij thuis staan nu die dozen van Tonny met kleine en grotere lappen handdrukstoffen. Niet alleen van Het Paapje maar ook van Wim van der Doef, die wat abstractere dessins ontwierp, ook handmatig gedrukt. De lappen zijn te klein om er bijvoorbeeld een overhemd van te maken, maar een eenvoudige quilt kan wel met kleuren die mooi op elkaar in werken. Daarom snijd ik nu repen van acht centimeter breed die ik willekeurig aan elkaar zet met de naaimachine. Lijkt me een mooie ode aan Tonny, Het Paapje en Wim van der Doef, drie partijen die alle drie zorgden voor textielschoonheid in de wereld.

(Mocht een lezer van dit blog nu opeens denken dat hij of zij nog wat lappen of lapjes  heeft liggen die niet gebruikt worden, dan houd ik me aanbevolen!)

Links:

Paapje stoffen: http://www.paapje.nl/

Artikel Paapje Libelle: https://docplayer.nl/10875670-Mooi-tijdloos-libelle-balance.html

Paapje op Facebook: https://www.facebook.com/Paapje-227170790769543/

Wim van der Doef via Handzeefdrukkerij Vlinder: https://www.vlinderzeefdruk.nl/

Textielmuseum Tilburg: https://www.textielmuseum.nl/

3. Zeeuws Meisje #Broederschap

Het laatste boek in de trilogie van het nieuwe Zeeuws Meisje, het fotoproject van Rem van den Bosch,  gaat over ‘Broederschap’. In het woordenboek staat bij die term onder  andere dat het gaat over de ‘band tussen mensen van een volk’.

Wat verbindt ons met elkaar is de vraag en hoe kunnen we met elkaar omgaan in de tijd waarin we leven? Corona heeft ons in zijn macht maar toch moeten we de moed erin houden en proberen om elkaar niet ziek te maken, fysiek niet en psychisch niet. Contact maken en in gesprek blijven kan een manier zijn om veranderingen in gang te zetten en te houden.

Wat heeft dit alles met mijn liefde voor textiel te maken (want daar gaat dit blog over)? Omdat ik een grote interesse heb in de geschiedenis van streekdracht ging ik deze week op zoek naar het fotoboek van Cas Oorthuys ‘Klederdrachten’ in de serie ‘De schoonheid van ons land’ uit 1962. Ik wou het al lang hebben, kocht een prachtig exemplaar voor een prikkie via boekwinkeltjes.nl en gisteravond werd het bezorgd. Het is een boek vol zwart-wit foto’s, gemaakt in een tijd dat er nog volop streekdracht werd gedragen in bepaalde plaatsen in Nederland. In het boek staan authentieke foto’s van mannen en vrouwen die het toen nog heel gewoon vonden om dagelijks dracht te dragen. Je kunt zien dat ze er trots op zijn. Het is een bijzonder boek over mensen die hun dagelijks werk uitvoerden, vol echtheid, vol vreugde en droefenis. Ook de Zeeuwse dracht staat er in.

Dracht is geen vaststaand gegeven. Dracht is ook onderhevig aan mode, bijvoorbeeld aan stoffen die trendy zijn. Toen trevira en nylon in de mode kwamen en werden gebruikt in burgerkleding kwamen deze stoffen ook voor in bijvoorbeeld de beuk: de borst- en ruglap die vaak te zien is in de Zeeuwse dracht.

Het boek Broederschap laat de traditionele dracht zien in stoffen van nu die bedrukt zijn met foto’s die Rem van den Bosch maakte bij de thema’s van zijn boek. Naast Zeeuwse meisjes staan er in dit boek ook Zeeuwse jongens in mannendracht, gemaakt met dezelfde stoffen die de nieuwe Zeeuwse meisjes dragen.

Naast foto’s staan er in deze aflevering ook weer prachtige interviews over dit thema. In het voorwoord schrijft Marlies Matthijsen: ‘De liefde voor het ambacht spat van de foto’s. En de interviews in dit boek geven hopelijk net een ander perspectief op leven en werken, op hoe we er samen een kleurrijke en zinvolle wereld van kunnen maken. In de hoop naar een nieuwe revolutie: naar broederschap en vertrouwen in plaats van concurrentie en wantrouwen. Naar duurzaam in plaats van wegwerp. Naar circulair in plaats van lineair.’

Van oorsprong was dracht natuurlijk bij uitstek kleding waar je lang mee deed. Mensen die dracht droegen, waren zuinig op hun kleren. Ze gingen er zorgvuldig mee om en ze repareerden hun kleren als die stukgingen. Ze hadden ook geen kasten vol kleding, in tegenstelling tot veel mensen van nu met kleerkasten die uitpuilen. Tegenwoordig wordt kapotte kleding vaak weggegooid want we weten niet meer hoe je iets kunt herstellen. Daar komt bij dat we vaak voor weinig geld nieuwe kleren kunnen aanschaffen.  

Nu lijkt het me niet zo geweldig als we allemaal weer in dracht gaan lopen. Die tijd is geweest en definitief voorbij. We willen en kunnen ook niet meer terug naar een gesloten wereld met strenge regels. We kleden ons nu zoals we geworden zijn: minder uniform dan vroeger, met meer oog voor het individuele. Maar iets van de mentaliteit van de dracht zou wel terug mogen komen: het op waarde schatten van de kleding die je draagt, er zorgvuldig mee omgaan en, als dat kan, kapotte kleding herstellen. Het zou een mooie stap voorwaarts zijn naar een duurzame wereld van broederschap wanneer steeds meer mensen zich zouden kleden vanuit die uitgangspunten.   

De Zeeuwse meisjes (en jongens) uit de boeken van Cas Oorthuys en Rem van den Bosch leren ons dat verbinding maken belangrijk is en dat je dat kunt afzien aan de manier waarop je je kleedt.

De drie boeken van het Zeeuws Meisje project zijn te bestellen via de site van Zeeuws nu: https://zeeuwsmeisje.nu/

2. Zeeuws meisje #Vrijheid

Moet je als Zeeuws meisje geboren zijn in Zeeland? Kun je ook een Zeeuws meisje zijn als je geboren bent in Syrië en nu in Middelburg woont?

Het fotoboek Zeeuws Meisje #Vrijheid van fotograaf Rem van den Bosch en zijn team geeft hier antwoord op. In het boek worden 26 verschillende meisjes van 18 uiteenlopende nationaliteiten geportretteerd die allemaal in Zeeland wonen. Ze komen uit China, Curaçao, Filipijnen, Haïti, India, Indonesië, Irak, Jamaica, Java, Marokko, Molukken, Nederland, Rusland, Sardinië, Syrië, Suriname, Tibet en Turkije. Allen dragen de traditionele Walcherse dracht, de streekdracht van een voormalig eiland dat heftig door bombardementen werd getroffen in de Tweede Wereldoorlog.

Na de Tweede Wereldoorlog werden de Verenigde Naties opgericht met als doel om vrede, stabiliteit, rechtvaardigheid en welvaart in de wereld te brengen. De lidstaten beloofden zich in te zetten voor mensenrechten en ‘fundamentele vrijheden’. President Franklin D. Roosevelt formuleerde in 1941 de ‘Four Freedoms’: vrijheid van meningsuiting, vrijheid van godsdienst, vrijwaring van gebrek en vrijwaring van vrees. Sinds 1950 worden elk jaar de Four Freedoms Awards uitgereikt aan personen of organisaties die zich voor deze vrijheden sterk hebben gemaakt. De voorouders van Roosevelt waren afkomstig uit het Zeeuwse Oud-Vossemeer. Vanaf 1982 vindt de uitreiking, in samenwerking met de Roosevelt Foundation in Zeeland, daarom internationaal plaats: in de even jaren in Middelburg, in de oneven jaren in New York

De VN nam in 1948 de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens aan.

In artikel 1 staat het volgende:

 Alle mensen worden vrij en gelijk in waardigheid en rechten geboren. Zij zijn begiftigd met verstand en geweten, en behoren zich jegens elkander in een geest van broederschap te gedragen.

Natuurlijk is dat een mooi uitgangspunt maar de werkelijkheid is helaas vaak anders. Meer dan vijftig miljoen kinderen zijn in deze tijd noodgedwongen op de vlucht voor oorlog, geweld, armoede of natuurrampen.

Waar je geboren wordt, is medebepalend zijn voor de rest van je leven. Voor Nederlandse kinderen  geldt de leerplicht. In veel andere landen is dat niet vanzelfsprekend. Meisjes mogen niet naar school, moeten helpen in het huishouden en worden op jonge leeftijd uitgehuwelijkt. Jongens gaan verplicht het leger in en moeten vechten tegen de vijand. Vluchten is vaak de enige mogelijkheid om een ander leven te krijgen. Maar vluchten heeft een prijs. Trauma’s worden geboren en die maken een goede ontwikkeling vaak onmogelijk. Het duurt jaren, soms een mensenleven lang, om ze te verwerken.

Maar er is ook hoop, altijd is er hoop. Kinderen zijn flexibel, hebben vaak een andere kijk op de wereld dan volwassenen en ze kunnen op andere oplossingen komen. Ze zijn niet cynisch en hebben (nog) het vertrouwen dat het anders kan.

In zijn schoolprojecten stimuleert Rem van den Bosch schoolkinderen op hun eigen woorden te komen die te maken hebben met vrijheid. Hij startte een project in de Internationale Schakel Klas (ISK) in Middelburg. In het boek staat een interview met Hajar (meisje, 17 jaar, afkomstig uit Idlib) en Mervan (jongen, 17 jaar, afkomstig uit Aleppo) uit Syrië die met hulp van Unicef als vluchtelingen naar Nederland kwamen en die hun opleiding aan de ISK hebben afgerond. Beiden hebben een heftige vlucht achter de rug vol gevaar, bedreiging en onzekerheid. Via een aantal AZC’s belandden ze met hun familie in Middelburg. Doorleren is voor beide belangrijk. Mervan leert door voor automonteur en Hajar gaat verder in de zorg.

In het boek Zeeuws Meisje #Vrijheid wordt een mooie koppeling gemaakt met de vreselijke geschiedenis die de 87-jarige Kees Platschorre uit Ellewoutsdijk als kind meemaakte tijdens de Tweede Wereldoorlog. Er waren hevige gevechten uitgebroken tussen de Duitsers en de geallieerden die Zeeland bombardeerden, speciaal Ellewoutsdijk omdat de Duitsers daar de kerktoren gebruikten om de kust onder controle te houden. Het gezin Platschorre moest evacueren naar Driewegen, een dorp drie kilometer verderop. Daar zaten ze met twaalf mensen in een klein huisje, buiten klonk granaatvuur en explosies van bommen. Op 29 oktober 1944 kwam een granaat dwars door het dak; zijn moeder en twee zussen kwamen daarbij om. Kees Platschorre overleefde de aanval, net als zijn oudere zus en broer. Het oorlogsgeweld heeft diepe indruk op hem gemaakt; de gevolgen hebben zijn leven getekend. Herdenkingen zijn moeilijk voor hem omdat de beelden dan heftig terugkomen

Tijdens een les over het onderwerp Vrijheid hoorde fotograaf Rem van den Bosch de volgende zin: ‘Wij kennen al 75 jaar vrijheid, maar sommige kinderen kennen haar nog maar twee weken.’ Dat is een uitspraak die binnenkomt en je in een flits inzicht kan geven. In zijn werk verbindt Rem van den Bosch geschiedenis met actualiteit. Hij geeft het wonderschone traditionele textiel een politieke lading. Zonder drammerig te worden, gaat het hem hierbij, denk ik, ook om schoonheid, waarachtigheid en kracht.

Zeeuws Meisje #Vrijheid staat vol met prachtige meisjes die trots de Zeeuwse dracht dragen. Op hun hoofd een sterk gesteven bultmuts van broderie die gebruikelijk was voor meisjes in de tijd dat dracht nog dagelijks werd gedragen. Over hun rok een schort van Zeeuws schortenbont; een traditionele geweven stof met witte kettingdraden met zwarte en witte inslagdraden, in patroon geweven. Traditioneel waren de kleuren zwart-wit; het van origine Walcherse schortenbont werd voornamelijk gebruikt voor doordeweekse schorten.

Op de website van Het Geheugen vond ik een ansichtkaart uit circa 1905 waarop zes meisjes staan die niet vrolijk kijken. Jong Zeeland staat er onder. Hoe hun leven verder is geweest weet ik niet en zal ik ook niet te weten komen. Dat ze de beide Wereldoorlogen hebben meegemaakt is bijna zeker. Hun leven zal vast niet vol vrijheden zijn geweest. Misschien hebben ze de lager school doorlopen en moesten ze daarna werken om geld voor hun familie te verdienen. Net zoals mijn moeder dat moest na de lagere school.

De nieuwe Zeeuwse meisjes poseren ingetogen, met hier en daar een glimlach of een gevoel van trots. Ze houden geborduurde Engelse woorden in hun handen die tijdens lessen zijn geschreven.

Het is een positieve boodschap die ze uitdragen vol hoop.

Zeeuws Meisje is vrij, en heeft zin in de toekomst!

Links:

Foto’s Zeeuws Meisje #vrijheid Rem van den Bosch http://www.beeldinzeeland.nl/

Zeeuws Meisje op Facebook: https://www.facebook.com/Zeeuwsmeisjenu

Interview Kees Platschorre in de Volkskrant:https://www.volkskrant.nl/kijkverder/mijnbevrijding/v/driewegen/

Foto ansichtkaart Zeeuwse meisjes 1905 via: https://geheugen.delpher.nl/nl

1. Zeeuws Meisje #gelijkheid

Ik kwam Zeeuws meisje tegen. Niet het Zeeuws meisje van de margarine (geen cent te veel hoor!) maar het Zeeuwse meisje van nu, die wat te vertellen heeft over de wereld waarin we leven.

Ik kwam haar tegen in Ellewoutsdijk (Ellesdiek op z’n Zeeuws), een dorp in het zuidelijkste puntje van Zuid-Beveland. Ze hing als poster op een raam met daarbij de woorden Vrijheid, Gelijkheid en Broederschap.

Daar wou ik meer van weten want ik heb een grote interesse in streekdracht. Via een toevallige gesprek met zijn vrouw Anaela Strutz voor hun huis kwamen we terecht bij fotograaf Rem van den Bosch die ons direct uitnodigde om binnen te komen. Daar begon hij enthousiast te vertellen over dit fotoproject waarover hij meteen zei dat het een gezamenlijk project is waaraan veel mensen meewerken.

Foto uit: Klederdrachten, een reis langs levende streekdrachten van Nederland, Constance Nieuwhoff, Willem Diepraam, Cas Oorthuys

De traditionele Zeeuwse dracht van Walcheren is het uitgangspunt. Herkenbaar aan het jak met korte mouwen, een beuk (een lap op de borst en rug), verschillende rokken, een halsdoek, short, muts, de krulvormige uiteinden van het oorijzer en de gehaakte omslagdoek. Die dracht zie je bijna niet meer op straat, of het zou een beeld moeten zijn. In diverse musea in Zeeland is de dracht nog wel te bewonderen.

Biggekerke, Walcherse boerin, Antoon Luyckx

Rem vertelt dat het project begon met het begrip ‘Gelijkheid’. Artikel 1 van de Nederlandse grondwet zegt:

‘Allen die zich in Nederland bevinden, worden in gelijke gevallen gelijk behandeld. Discriminatie wegens godsdienst, levensovertuiging, politieke gezindheid, ras, geslacht of op welke grond dan ook , is niet toegestaan’.

Rem wilde een ludiek signaal afgeven aan een aantal gemeentebesturen in Zeeland die weigerden de regenboogvlag te hijsen en daarmee geen solidariteit betuigden met de LGBTQ gemeenschap. Het werd uiteindelijk een boek vol beelden, achtergrondinformatie en interviews rond dit thema.

Hedendaagse modellen in unigekleurde dracht spatten van de pagina’s af.

Alles klopt in beeld met veel aandacht voor details.

Gehaakte omslagdoeken en ondermutsen die allemaal anders zijn.

Daagse sieraden want de zondagse droeg je echt alleen op zondag.

Fel gekleurde klompen met stompe neus, de dagelijkse draagklompen die je droeg als je op het land werkte.

In het boek ontmoeten traditie en vernieuwing elkaar. De traditie wordt op waarde geschat, juist omdat er een vertaling is naar de maatschappij van nu. Het is een boek met een politiek en bewustmakend statement. Over vriendelijkheid waarmee je een heel eind kan komen. Over trots zijn op waar je vandaan komt. Over een open blik naar de wereld en nieuwsgierig zijn.

Je kunt het natuurlijk schandalig vinden dat er zo met dracht wordt omgegaan en dat daarmee geen respect wordt getoond voor wat er was, en dat de dracht op deze manier wordt gepresenteerd als een soort carnaval. Maar dan heb je het, volgens mij, helemaal mis. Zo zit dit project niet in elkaar. Als je de interviews leest, merk je hoe gedreven Rem en zijn groep zijn, dat ze het hart op de goede plaats hebben en vol respect naar hun erfgoed kijken en daar iets mee willen doen dat van grote betekenis is.

Omroep Zeeland maakte een tv serie over dit project waarbij allerlei aspecten rondom ‘Gelijkheid’ aan bod komen. Zie: https://www.omroepzeeland.nl/tv/programma/370201155/Zeeuws-meisje/gemist

Naast dit boek werd er een educatief schoolproject gestart waarbij leerlingen in het basisonderwijs rondom dit thema opdrachten uitvoerden. Zelf werd ik geraakt door het filmpje over de rode jurk waarbij Rem in een schoolklas aan het werk is en het model twee vaders heeft die vertellen waarom zij het proejct goed vinden en waarom ze trots zijn op hun dochter. Zie: https://www.omroepzeeland.nl/tv/programma/370201155/Zeeuws-meisje/aflevering/370205425/Rode-jurk

Wij kochten natuurlijk dit boek een ook de andere twee over Vrijheid en Broederschap. Daarover meer in mijn volgende bericht.

Info:

Zeeuws meisje: https://zeeuwsmeisje.nu/

Rem van den Bosch: http://www.beeldinzeeland.nl/

Klompenmakerij Traas: https://www.klompen.com/

Zeeuwse sieraden: http://www.juwelierminderhoud.nl/

Zeeuwse dracht: http://www.wilmamode.nl/zeeuwse-klederdracht/

Haakwerk: https://www.facebook.com/antoinette.deschipper

Haar en visagie: https://excellencegoes.nl/wp/projecten/

Nieuw jaar Nieuw blog

Een nieuw jaar vraagt om een nieuw blog.

Een nieuw blog over mijn grote liefde voor textiel.

Niet in het Engels, maar in het Nederlands.

Met minimaal een keer per week een bericht voor de continuïteit.

Met vast nog wat veranderingen van het uiterlijk van mijn blog,

want het ziet er nogal saai uit op dit moment.

Met een eigen domeinnaam omdat ik het wat professioneler wil gaan aanpakken: https://textielliefde.com/

Over alles wat ik tegenkom in de wondere wereld van textiel.

Dat kan van alles zijn.

Zoals de kast vol linnen lakens die ik afgelopen zomer vond bij de Emmaüs in Zuid Frankrijk en waar ik er natuurlijk een van kocht.

Tentoonstellingen ( ik hoop zo dat we binnenkort weer naar musea kunnen!).

Boeken over textiel.

Eigen werk.

Traditioneel textiel.

Werk van mijn studenten en collega’s bij SintLucas.

Vast nog meer,  want we worden dagelijks omringd door textiel.

We slapen onder textiel.

We hebben textiel voor de ramen hangen.

We drogen ons af met textiel.

We trekken textiel aan en uit.

We maken schoon met textiel.

We kunnen niet zonder textiel in ons dagelijks bestaan.

Mijn eerste echte textielbericht zal gaan over Zeeuws Meisje.

Het meisje dat ik vorige week tegenkwam in Ellewoutsdijk.